Nuttige en nutteloze feitjes
Archief

juli 2022

j

Linkshandig? Dit is de reden van jouw handvoorkeur

L

Linkshandigen zijn in de minderheid. Iets meer dan 10 procent van alle mensen gebruikt bij voorkeur de linkerhand. Maar onder topsporters ligt de verhouding heel anders. 

Wetenschappers hebben aangetoond dat er bovengemiddeld veel ‘lefties’ meedraaien in de wereldtop van zogenaamde duelsporten zoals boksen, basketbal, tennis, honkbal, hockey en schermen. 

Dat zegt iets over hoe linkshandigheid in de loop van de evolutie is ontstaan. Voor het tijdschrift Intermediair dook ik in de geschiedenis van deze bijzondere handvoorkeur.  

linkshandigen hebben voordeel

Hoewel slechts 10 procent van de mensheid links is, slaat of gooit ongeveer 20 procent van alle topatleten in sporten als tennis, boksen, basketbal en honkbal bij voorkeur met de linkerhand. Bij boksers ligt dat percentage zelfs op 25 procent.

En van de slagmannen in de hoogste divisie van de Amerikaanse honkbalcompetitie is meer dan de helft linkshandig, zo ontdekten de wetenschappers.

“De vaardigheden van sporters lijken iets te worden versterkt als ze linkshandig zijn”, zegt hoofdonderzoeker Mark Panaggio. “Met name als ze een rechtstreeks duel, met of zonder bal, moeten uitvechten met een tegenstander.”   

Die dominantie van linkshandigen in de duelsporten stelt de wetenschap voor nogal wat raadsels. Waarom blinken mensen met de minst voorkomende handvoorkeur zo uit? En als het bij fysieke confrontaties zo handig is om je linkerhand te gebruiken, waarom hebben rechtshandigen in de loop van de evolutie dan de overhand gekregen? 

Linkshandigheid als ziekte

“Vroeger werd linkshandigheid gezien als een pathologie, een soort ziekte”, zegt de Nederlandse gedragsbioloog Ton Groothuis. “Dat kwam vooral omdat linkshandigen in de minderheid waren, een uitzondering op de regel. Als je met je linkerhand schreef, probeerde de juf of meester dat te corrigeren.” 

(Lees ook: met deze werktuigen werden linkshandigen vroeger gecorrigeerd op school)

Dat linkshandigheid bepaalde voordelen met zich meebrengt, is volgens Groothuis op zich niet zo verrassend. “Als het alleen maar tegen hen zou werken, zouden linkshandigen wel zijn uitgestorven. Veel wetenschappers denken dat ze in bepaalde situaties in het voordeel zijn, juist omdát ze een minderheid vormen.”     

Waarom Linkshandig? Dit is De gevechtstheorie 

Een mogelijke verklaring is de zogenaamde ‘gevechtstheorie’, een hypothese die er vanuit gaat dat linkshandigen vooral bij lichamelijke duels met anderen profiteren van een verrassingseffect. 

“Of het nu gaat om tennissen, schermen of boksen, als een linkshandige sporter het opneemt tegen een rechtshandige, dan is dat voor hem gesneden koek”, zegt Mark Panaggio. “Een leftie speelt namelijk zijn hele leven al voornamelijk tegen rechtshandige concurrenten, omdat die nu eenmaal in de meerderheid zijn.” 

Voor zijn tegenstander geldt het omgekeerde volgens de wetenschapper. “Die heeft juist relatief weinig ervaring met spelen tegen linkshandigen, omdat ze minder vaak voorkomen. De linkshandige heeft daardoor al voordat het duel is begonnen een kleine voorsprong.” 

Dat linkshandigenvoordeeltje is in de bokswereld algemeen bekend. Sommige rechtshandige boksers meten zich zelfs een linkshandige gevechtshouding aan om de tegenstander in verwarring te brengen. Zo stond de meervoudig Amerikaans wereldkampioen Roy Jones in de jaren tachtig bekend om zijn verwoestende rechtse hoek.  Maar later in zijn carriere bokste hij ook delen van wedstrijden in de linkshandige ‘Southpaw stance’ – met zijn rechtervoet en rechtervuist naar voren zodat hij zijn tegenstander met links kon verrassen.  

Linkshandig bij teamsporten

Bij teamsporten hebben linkshandigen volgens Groothuis helemaal een luxepositie. Ze profiteren niet alleen van een verrassingselement, maar hebben ook minder concurrentie van teamgenoten. “In de meeste hockey-, handbal of voetbalteams staan de spelers die van nature rechts zijn, niet te dringen om aan de linkerkant te spelen en de coach wil dat ook vaak niet. De linkshandigen strijden dus met minder mensen om een plek in het basisteam.”  

Maar atleten met een voorkeur voor hun linkerhand zitten niet bij elke sport in een zetel. De wetenschappers van Northwestern University stuitten bij hun analyse op één discipline waarbij rechtshandigen overduidelijk de dienst uitmaakten: golf. Bij de beste 100 spelers van de wereld zijn de linkshandigen op één hand te tellen: er zijn er vier. Die ondergeschikte rol op de golfbaan ondersteunt volgens Panaggio de gevechtstheorie: de lefties presteren in zijn ogen minder omdat ze op de green geen duels van man tot man kunnen uitvechten. 

“Linkshandigen profiteren in andere sporten vooral van rechtstreekse competitie, bij sporten als golf komt het vooral aan op de techniek die je hebt geleerd en op materiaal dat voor linkshandigen vaak moeilijker te vinden is. Tijdens een wedstrijd is er geen rechtstreekse confrontatie met je tegenstanders.” 

Waarom linkshandigen in de minderheid zijn 

Uitblinkers bij het boksen, maar buitenstaanders op de golfbaan. Het is volgens Panaggio een goede metafoor voor de ondergeschikte rol die linkshandige uiteindelijk in de evolutie speelde. Zo lang het op vechten aankwam, waren ze in het voordeel. Maar zodra een samenleving meer sociale trekjes ging vertonen, vielen ze buiten de boot.  

“Als de kracht van de linkshandige ligt bij man tegen man gevechten, dan betekent het dat hij minder succesvol is zodra er moet worden samengewerkt zoals bij een gezamenlijke jacht. Bij het hanteren van een werktuig is het niet praktisch als je met de andere hand werkt dan de rest van de groep. Als je goed zoekt, kun je nog wel een goede golfclub voor linkshandigen vinden, maar dat was anders bij een speer of pijl en boog in de oertijd.”     

Gedragsbioloog Ton Groothuis kent de theorie. “Het zou best kunnen dat linkshandigen moeite hadden om wapens als speren en boogen te hanteren”, zegt hij.

Daarnaast was het bij bepaalde taken zoals het vlechten van manden of het graven van knollen misschien wel moeilijker voor rechtshandigen om hun kennis over te dragen op linkshandigen. Het zou kunnen dat de lefties daardoor als een soort sociale outcasts werden behandeld, minder aantrekkelijk waren als seksuele partner en dus ook een kleine minderheid bleven.” 

Zijn linkshandigen geboren vechtersbazen?

Bewijs vinden voor een miljoenen jaren oud evolutionair proces is echter lastig. De Franse biologe Charlotte Faurie van de Universiteit van Montepellier bedacht enkele jaren geleden een methode. 

Als linkshandigen vooral baat hebben bij man tot man gevechten, dan zouden ze relatief veel moeten voorkomen in populaties waar dat soort confrontaties zonder moderne wapens nog aan de orde van de dag zijn, zo redeneerde ze. De onderzoekster besloot om acht traditionele stammen te bestuderen in Afrika en Zuid-Amerika. Ze vergeleek het moordcijfer van de stammen met het aantal linkshandigen. Haar vondsten – in 2004 gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Nature – lijken de gevechtstheorie te ondersteunen. 

Zo bleek bij de meest vredelievende stam die Faurie bezocht (de Jula uit Burkina Faso, 1 moord per 100.000 mensen) slechts 3,4 procent van de populatie linkshandig. Bij de meer gewelddadige Yanomami uit Venezuela (5 op de 1000 mensen komen er door geweld om het leven) liep het aantal linkshandigen op tot 22,6 procent van de bevolking. 

Zijn linkshandigen betere autorijders?

De hand-oog coördinatie van linkshandigen zou volgens sommige wetenschappers ook van invloed kunnen zijn. Het Franse Instituut voor Sport en Fysieke Educatie in Parijs wijdde in 2010 een studie aan de theorie, die is gestoeld op het feit dat de bewegingen van je linkerarm worden aangestuurd door je rechterhersenhelft. 

Dat gedeelte van het brein stuurt bij de meeste mensen ook hun ruimtelijk inzicht, waardoor linkshandigen mogelijk sneller kunnen reageren op wat hun ogen waarnemen dan rechtshandigen.  

De onderzoekers ontdekten inderdaad dat linkshandigen achter het stuur van een auto iets sneller reageerden op bepaalde verkeerssituaties. “Ook dit soort theorieën moeten beter worden onderzocht”, vindt Groothuis.   

Ben je zelf rechtshandig? Niet getreurd. Zelfs dan is het mogelijk om te profiteren van het linkshandigen-voordeel. De Spaanse tennisser Rafael Nadal is namelijk ook rechtshandig, maar hij tennist met links. Hoe zit dat? 

Hoe Rafael nadal linkshandig werd

Tot hij 10 jaar was, sloeg de Spanjaard alle ballen nog terug met een dubbelhandige greep, of ze nou op zijn forehand of op zijn backhand kwamen. Zijn oom en coach Toni Nadal besloot hem dat af te leren. 

Hij gaf zijn pupil de opdracht zijn forehands voortaan enkelhandig te slaan, met alleen zijn linkerhand aan het racket.  Hij ging ervan uit dat Rafael linkshandig was, omdat hij ook een voorkeur voor zijn linkerbeen had bij voetbal. 

Zijn neefje gehoorzaamde zonder mokken en wende al snel aan zijn nieuwe slag. Pas veel later viel het Toni op dat Rafael bij andere bezigheden zoals  schrijven, tandenpoetsen en golfen (een sport die hij ook speelde) zijn rechterhand gebruikte. 

“Het was niet al te slim, maar ik wist echt niet dat hij rechtshandig was”, zei Toni Nadal ooit op een persconferentie tijdens de Australian Open over de vijftien jaar oude vergissing. “Nu is Rafael alleen links op de tennisbaan. We zullen nooit weten hoe goed hij was geworden als hij ook met zijn voorkeurshand had leren slaan.” 

Hij was duidelijk niet bekend met het voordeel van linkshandigen. Zijn vergissing was achteraf gezien misschien wel een gouden greep. 

Lees ook:
Waarom je vroeger niet met links mocht schrijven
– Hoe lang kan een mens de adem inhouden?
– Wat wordt het wereldrecord op de marathon in de toekomst?

Waarom leerden linkshandigen vroeger met rechts schrijven?

W
linkshandigen leren schrijven met rechts

Zelf ben ik linkshandig. Mijn eerste woordjes schreef ik dus met een pen die ik vasthield met mijn linkerhand. Dat klinkt logisch, maar dat was het niet altijd.

Linkshandig schrijven was lange tijd geen optie op scholen. Leerlingen die een voorkeur hadden voor hun linkerhand werden gedwongen om hun pen met de rechterhand vast te pakken. Waarom deden leraren dat? En hoe ver ging de dwang?

Voor een artikel in het tijdschrift Quest sprak ik met Tijs van Ruiten, toen nog directeur van het Onderwijsmuseum in Den Haag. “De dwang om kinderen rechtshandig te laten schrijven ging ver”, zegt hij. “Heel ver zelfs.”

Waarom linkshandigheid werd afgestraft

Tot ver in de twintigste eeuw werden leerlingen regelmatig met een liniaal op hun hand geslagen als ze linkshandig schreven. Soms werd die hand zelfs op hun rug gebonden. “In Engelse boeken heb ik zelfs wel eens afbeeldingen gezien van schoolbanken met een speciale constructie waarin de linkerarm kon worden vastgezet”, vertelt Van Ruiten.

In Nederland bestonden er ook speciale werktuigen om linkshandigheid af te leren. Leerlingen kregen vaak de zogenoemde schrijfband van Noyons om, waarmee hun rechterhand in de juiste positie werd gebracht om te schrijven. In onderstaand filmpje zie je een demonstratie van dat schrijfwerktuig.

Linkshandigen maken Vegen in hun schrift

Pas na de Tweede Wereldoorlog werd linkshandigheid niet meer afgeleerd op school. De belangrijkste reden om kinderen rechtshandigheid aan te leren bij het schrijven, verdween toen.

“Linkshandigen gingen vaak met hun hand over de inkt van hun pen heen en lieten daardoor vegen achter in hun schrift”, vertelt Van Ruiten. Door de uitvinding van de balpen in 1938 was dat probleem niet meer aan de orde. “Na de oorlog werd er steeds minder met kroontjespennen geschreven.”   

Maar ook de indeling van de klassen veranderde. “Vroeger was het verplicht de bankjes zo in het lokaal te plaatsen, dat de ramen aan de linkerkant van de leerlingen zaten”, weet Van Ruiten. “De lichtinval was dan beter voor rechtshandigen. Vandaar dat linkshandigen lange tijd werden gedwongen om ook rechtshandig te schrijven.

Inmiddels hebben schoollokalen ramen aan beide kanten. En er bestaan zelfs speciale vulpennen voor linkshandigen.

Lees ook:
Dit zijn de meest zeldzame postzegels ter wereld
Waarom zeggen we gezondheid als iemand niest?

Hoeveel smaakpapillen heeft een mens? En wanneer ben je een superproever?

H
smaakpapillen-foto

In de mond van de meeste volwassen mensen zitten ongeveer 250 smaakpapillen. Dat zijn zenuwuiteinden die ervoor zorgen dat je de smaken van verschillende soorten voedsel proeft. 

Op die smaakpapillen zitten weer 2.000 tot 10.000 smaakreceptoren, waarmee je specifieke smaken waarneemt.

Hoeveel smaakpapillen en receptoren je precies hebt, hangt af je leeftijd. Maar het heeft ook te maken met genetische aanleg. Niet ieder mens proeft namelijk even goed.

Volgens wetenschappers bestaat een klein deel van bevolking uit zogenaamde supertasters, oftewel ‘supertasters’. Hoe weet je of jij zo’n superproever bent? En wat zegt dat over de werking van je smaakpapillen? 

Hoe werken je smaakpapillen? 

Je smaakpapillen zitten verspreid door je hele mond. Op je tong, je gehemelte, de binnenkant van je wangen en zelfs in je keel. De papillen zitten vol met zogenaamde smaakreceptoren. Dat zijn zenuwcellen met eiwitten die heel gevoelig zijn voor bepaalde smaakstoffen in voedsel en drank. 

Je kunt er vijf smaken mee onderscheiden: zoet, zuur, bitter, zout, en umami. Maar smaakreceptoren kunnen ook vet proeven. Sommige wetenschappers beschouwen dat als de zesde smaak.  

En hoe zit het dan met pittige smaken? Gek genoeg wordt die smaaksensatie veroorzaakt door pijnprikkels die je smaakpapillen registreren. Als je van pittig voedsel houdt, ben je die pijn gaan waarderen. 

Als je je tong uitsteekt, kun je je smaakpapillen ook zien. Het zijn kleine bultjes en oneffenheden. Achterop je tong en aan de zijkant zijn ze groter dan vooraan. Daar is je tong extra gevoeliger voor smaak. De smaakreceptoren zijn te klein om met het blote oog waar te nemen. 

In onderstaand filmpje wordt de werking van smaakpapillen simpel uitgelegd.

Waarom bestaan er superproevers?

Waarschijnlijk komt dat door bepaalde genen. Mensen die drager zijn van een specifiek gen met de naam T2R38 lijken gevoeliger te zijn voor smaken. Ook hebben ze meer smaakpapillen, vooral op hun tong. 

De Amerikaanse wetenschapper Linda Bartoshuk bedacht voor deze mensen de naam ‘supertasters’. In haar laboratorium stelde ze vast dat superproevers vooral bittere smaken veel intenser beleven dan anderen. 

En dat komt niet door hun opvoeding. Het is bijvoorbeeld niet zo dat deze mensen nooit geleerd hebben om bitter voedsel te eten en de smaak daarom minder waarderen. Hun smaakpapillen zijn simpelweg extreem gevoelig door hun genetische aanleg. 

Linda Bartoshuk zegt daarover in de Wall Street Journal: “Supertasters proeven alles intenser. Als je alles bij elkaar optelt, zou je kunnen zeggen dat ze de wereld van voedsel in felle neon-kleuren zien, in plaats van de pasteltinten die andere mensen zien.” 

Hoe weet je of een superproever bent? 

Superproevers zijn niet extreem zeldzaam. Ongeveer 25 procent van de mensheid komt in aanmerking voor deze titel. Opvallend genoeg zijn het vaker vrouwen dan mannen. Het is niet bekend waardoor dat komt. 

De meest eenvoudige manier om erachter te komen of je een superproever bent, is je eetgedrag analyseren. Supertasters zijn meestal kieskeurige eters. Ze hebben vaak vooral een hekel aan voedsel en drank met een bittere smaak, zoals broccoli, spinazie, koffie, bier en donkere chocolade, zo blijkt uit onderzoek.

Maar er zijn ook dingen die superproevers juist graag eten. Zo consumeren ze over het algemeen meer zout voedsel. Waarschijnlijk worden hun smaakpapillen zo sterk geprikkeld door deze smaak dat er een milde verslaving kan optreden. 

Wetenschappers gebruiken een speciale test om te bepalen of mensen de titel superproever ‘verdienen’. Ze laten mensen proeven van de bittere stof 6-n-propylthiouracil (PROP). Supertasters reageren veel sterker op die stof dan andere mensen. 

In onderstaand filmpje zie je een test waarmee je zelf kunt bepalen of je een superproever bent.

de voordelen van gevoelige smaakpapillen 

Het heeft ook voordelen om superproever te zijn. Als je extreem gevoelige smaakpapillen hebt, vind je vettig voedsel vaak minder lekker. Daardoor hebben supertasters minder kans op overgewicht. Ook hebben ze minder vaak een hoog cholesterolgehalte.

Er zijn zelfs aanwijzingen dat hun sterke smaakpapillen helpen bij het voorkomen van bacteriële infecties. Verder blijkt uit wetenschappelijk onderzoek dat superproevers relatief vaak werkzaam zijn als chefkok of wijnexpert. 

Waarom je smaak verandert als je ouder wordt 

Je smaakpapillen blijven helaas niet je hele leven even goed werken. Het aantal smaakpapillen neemt namelijk langzaam af als je ouder wordt. Als baby wordt je geboren met duizenden smaakpapillen. maar dat aantal neemt snel af. Als je dertig jaar bent, heb je gemiddeld nog maar ongeveer 250 smaakpapillen over.

Dat is ook de reden waarom volwassenen vaak meer smaken lekker vinden dan kinderen. Je proeft minder naarmate je ouder wordt. Daardoor kun je steeds meer smaken waarderen. Spruitjes proeven opeens niet meer te bitter, en ook de sterke smaak van broccoli heeft opeens zijn charme.  

De smaakreceptoren die op je smaakpapillen groeien, gebruik je trouwens steeds maar kort. Ze verdwijnen na ongeveer 10 dagen, en worden vervangen door nieuw aangegroeide smaakreceptoren

Na je veertigste gaat het vernieuwen van deze cellen echter steeds langzamer. Dat is de reden waarom mensen op latere leeftijd vaak last hebben van smaakverlies en minder goed gaan eten. 

smaakpapillen bij dieren

Overigens zijn mensen één van de weinige ‘dieren’ die zo veel verschillende smaken kunnen proeven. Een hond kan bijvoorbeeld geen zout proeven. En katten hebben op hun smaakpapillen geen smaakreceptoren voor zoete smaken. 

Toch zijn er ook grote fijnproevers in het dierenrijk. Koeien hebben 250.000 smaakreceptoren op hun smaakpapillen, veel meer dan mensen. De dieren hebben die smaakgevoeligheid in de loop van de evolutie waarschijnlijk ontwikkeld, omdat ze in het wildeweg planten eten. Als er per ongeluk een giftige plant in hun mond belandt, proeven koeien dat meteen door hun sterk ontwikkelde smaak. 

Niet mensen maar koeien zijn dus de échte superproevers. 

ik mis mijn voortand – maar Hoeveel tanden heeft een ‘normaal’ mens?

i
hoeveel-tanden-foto

Ik mis sinds kort een voortand. En dat voelt gek. Je draagt tanden namelijk je hele leven bij je. Als je in de baarmoeder zit, groeien er al 52 tanden en kiezen in je mond, diep onder je tandvlees. Maar wanneer vormen ze een gebit?

  • Zeven maanden na je geboorte beginnen je eerste melktanden door te komen. Dat melkgebit bestaat uit 20 tanden en kiezen. 
  • Als je 13 jaar bent, heb je al je tanden ‘gewisseld’. Je volwassen gebit bestaat dus uit 28 tanden en kiezen.
  • Toch is het dan nog niet helemaal ‘af’. Je verstandskiezen breken door tussen 17e en je 22e. In totaal heeft een volwassene dus 32 tanden en kiezen.  

Maar welke van die tanden gebruik je het meeste? En hoe erg is het als je een tand verliest door een ongelukje? 

De antwoorden lees je in dit artikel over de wetenschap achter ons gebit. En ik vertel je hoe ik op achtjarige leeftijd mijn voortand verloor.

hoe belangrijk is een voortand?

Toen ik mijn voortand kwijtraakte, was ik tien jaar. Ik fietste terug van een tennisles, samen met een vriend. Hij slingerde een beetje, daardoor kwam zijn stuur tegen mijn stuur. Mijn fiets raakte uit balans en ik viel met mijn gezicht op de grond. Toen ik opkrabbelde, zag ik bloed op het asfalt en een stukje verderop lag mijn voortand.

Een gebit zonder voortand ziet er niet alleen raar uit. Je voortanden zijn ook nogal belangrijk als je iets eet. Voortanden horen bij je snijtanden. Deze tanden zijn in de loop van de evolutie bij vrijwel alle zoogdieren ontstaan om voedsel in stukjes te snijden tijdens het kauwen.  

Welke soorten tanden heb je allemaal? 

In totaal hebben mensen drie soorten tanden. Hieronder zet ik ze op een rijtje.

  • Snijtanden
  • Hoektanden 
  • Kiezen

Eerst even over die snijtanden, of met een moeilijk woord incisieven. Ieder mens heeft er acht. Het gaat om je twee voortanden, boven en onder. Maar ook de de twee tanden die daar aan weerszijden naast zitten, boven en onder. De snijtanden gebruik je om tijdens het kauwen je voedsel in stukjes te snijden. 

Je hoektanden (ze worden ook wel cuspidaten genoemd) hebben een andere functie. Je hebt er maar vier en ze zitten in de vier hoeken van je gebit, pal naast je snijtanden. Deze tanden helpen je om grip te krijgen op het voedsel waarop je kauwt. Bij roofdieren hebben hoektanden een meer gewelddadige functie. Zij gebruiken hoektanden om hun prooien aan te vallen en in stukken te scheuren. 

De rest van je tanden zijn kiezen, of met een moeilijk woord molaren. Ze zijn groter en zitten achter in je mond. Je gebruikt ze om voedsel mee te pletten en te vermalen. Hoe dieper ze in je mond zitten, hoe groter je kiezen zijn. Na je hoektanden komen eerst de zogenoemde premolaren. Dat zijn relatief kleine kiezen. Daarachter zitten de molaren, of echte kiezen. Daar weer achter zitten je verstandskiezen. Dat zijn je allergrootste kiezen.  

Hoe liep het af met mijn voortand? 

Zelf was ik volledig in paniek na de val waarbij mijn voortand afbrak. Ik was acht jaar, en dacht: moet ik nu mijn hele leven zonder voortand? 

Mijn vriend hielp me overeind en stopte de tand in zijn broekzak. Slim, zo bleek achteraf. Want het lukte de tandarts om de voortand weer terug in mijn mond te zetten. Daar heeft ‘ie het nog dertig jaar uitgehouden. Totdat het deze zomer mis ging.

De teruggeplaatste voortand zat zo los dat er volgen mijn tandarts maar één ding opzat. Hij moest ‘m trekken.

Opmerkelijk: je tanden onthouden belangrijke gebeurtenissen

Het is niet zo gek dat mijn teruggeplaatste voortand het uiteindelijk begaf. Door de val stierf de tand heel langzaam af. Maar gek genoeg dragen ook andere tanden en kiezen de sporen van belangrijke gebeurtenissen in je leven. 

Dat blijkt uit een studie waarbij wetenschappers het gebit van 15 overleden personen tussen de 25 en 69 jaar analyseerden. Ze vergeleken de staat van hun tanden met hun medische en persoonlijke geschiedenis. 

Wat bleek? Ze konden aan de tanden van de overleden mensen zien wanneer ze kinderen hadden gekregen, maar ook wanneer ze ziek waren geweest, of bijvoorbeeld in de gevangenis hadden gezeten. De impact van die gebeurtenissen was te zien in de verschillende weefsellagen van hun tanden. 

De onderzoekers vergelijken deze lagen met de jaarringen van een oude boom. Daaraan kun je zien hoe oud een boom is, en of de stam heftige gebeurtenissen heeft meegemaakt, zoals grote temperatuurdalingen. 

Hoe moet ik verder zonder voortand? 

Natuurlijk loop ik op dit moment niet zonder voortand rond. De tandarts heeft ‘m weliswaar getrokken. Maar op de plek van de voortand zit nu een plaatje. Dat is een soort kunstgebit van één tand dat ik zo in het gat kan klikken. 

Uiteindelijk wordt er een implantaat geplaatst, een kunsttand dus. Binnenkort heb ik dus weer gewoon 28 tanden en kiezen. Alleen zit er één neptand tussen. 

Lees ook:
– Hoeveel botten heeft een mens?
– Hoeveel hersencellen heeft een mens?

Deze zeekabels houden het internet in stand

D

Als we over het internet praten, hebben het vaak over ‘the cloud’. Maar de meeste informatie die je online opvraagt, wordt verstuurd via lange zeekabels op de bodem van de oceanen. 

Waar lopen de belangrijkste zeekabels voor ons internet. Hoe lang zijn ze? Hoe snel? En hoe kwetsbaar voor bijvoorbeeld aanslagen of oorlogsterreur? 

De eerste zeekabel 

De eerste Trans-Atlantische zeekabel, werd halverwege de negentiende eeuw aangelegd, toen nog om informatie te versturen voor een telegraafverbinding. Deze kabel bestond uit koperdraden die in een omhulsel van hennep en Indische rubber waren gewikkeld. De uitvinders van deze techniek zijn de Britse uitvinders William Fothergill Cooke en Charles Wheatstone.  

Queen Victoria van het Verenigd Koninkrijk nam de Trans-Atlantische kabel in gebruik op 7 augustus 1858. Ze verstuurde met de telegraaf een boodschap naar de Amerikaanse president James Buchanan. Het duurde zestien uur voordat het bericht van 98 woorden Amerika bereikte. 

Hoe snel reist informatie op internet?

Inmiddels wordt er op internet dagelijks een onvoorstelbare hoeveelheid informatie verstuurd over de bodem van de oceanen, via een groot netwerk van zeekabels. In 2022 lagen er 483 internetkabels op de zeebodem, maar dat aantal groeit snel. Op dit kaartje kun je precies zien waar de zeekabels lopen.

De meest geavanceerde kabels kunnen per seconde ongeveer 20 terabit versturen, dat zijn bijna 5 miljoen HD-films terwijl je met je vingers knipt. 

De langste zeekabels 

De langste zeekabel voor internetverbindingen is nu nog de 39.000 kilometer lange SEA-ME-WE3. Dat lijkt een nogal cryptische naam. Maar het is simpelweg een afkorting voor de regio’s waar de kabel doorheen loopt: Zuid-Oost-Azië, Midden-Oosten en West-Europa.

Nog langer?

Om precies te zijn loopt de kabel vanuit Perth in Australië langs de kust van onder meer Zuid-Korea, China, Japan, India, Oman, Saoedi-Arabië, Egypte, Marokko, Cyprus, Portugal, en Frankrijk naar Duitsland, waar de kabel in de plaats Norden aan land komt. 

Maar binnenkort krijgt de SEA-ME-WE3-kabel concurrentie uit Afrika. Daar wordt namelijk een nog langere zeekabel aangelegd, die binnen twee jaar volledig rondom het continent moet liggen. 

In totaal overbrugt de 2Africa-verbinding straks een afstand van 45.000 kilometer. Daarmee wordt deze zeekabel vanaf 2024 de langste ter wereld. 

Eén van de belangrijkste zeekabels voor Nederland is TAT-14, een onderzeese verbinding van 15.000 kilometer tussen Europa en de Verenigde Staten. De kabel loopt van Tuckerton en Manasquan in de Amerikaanse staat New Yersey naar Denemarken en Nederland. In Katwijk komt TAT-14 aan land. 

Waar zijn moderne zeekabels van gemaakt? 

De internetkabels die informatie versturen over de zeebodem zijn niet zo dik als je zou denken: ongeveer 5 tot 15 centimeter, ongeveer even dik als je tuinslang. Ze worden uitgerold door speciale schepen die ongeveer 4.000 kilo aan kabels per keer kunnen vervoeren. 

Het binnenste van de zeekabels bestaat uit glasvezel, dat is het materiaal waardoor informatie wordt verstuurd. Daaromheen zit een gel van aardolie om de kabel soepel te houden. De buitenste beschermingslaag is opgebouwd polyester, plastic, aluminium en staal. 

Hoe kwetsbaar zijn zeekabels? 

Op 19 december 2008 bleek hoe kwetsbaar de internetverbindingen op de oceaanbodem zijn. Drie belangrijke kabels in de Middellandse Zee braken op die dag

Er kwam een knik in de eerder genoemde langste zeekabel ter wereld (SEA-ME-WE3) ter hoogte van Egypte. Maar ook de 18.000 kilometer lange SEA-ME-WE4 die van Marseille naar Singapore loopt, raakte beschadigd in de de Middellandse Zee. De derde beschadigde verbinding was FLAG, een 18.000 kilometer lange verbinding die vanuit Engeland naar Japan loopt. 

Volgens de bedrijven die de kabels hebben gelegd, was de schade te wijten aan extreem slechte weersomstandigheden of de anker van een schip. Door de storing was het internet slecht bereikbaar rond de Middellandse zee. In Egypte nam de capaciteit van breedbandverbindingen zelfs met 70 tot 80 procent af. 

Doordat telecombedrijven het internetverkeer kunnen omleiden via andere kabels zijn dit soort problemen meestal echter snel verholpen.

Hoe vaak breken kabels? 

Sommige mensen vermoedden dat de kabels  in 2008 met opzet zijn doorgesneden, maar het lijkt aannemelijker dat het toeval was. Gemiddeld breekt er elke drie dagen wel ergens een kabel in zee, meestal vanwege wrijving tegen rotsen, zo stelt expert Stephen Beckert in dit artikel.

Wereldwijd tientallen zijn er tientallen schepen actief die niets anders doen dan zeekabels reparen 

Toch is het niet onmogelijk dat zeekabels worden doorgesneden. Zowel het Russische leger als het Amerikaanse leger beschikken over onderzeeërs die glasvezelkabels zouden kunnen doorknippen. 

Hoe worden zeekabels gerepareerd? 

Aan het opvissen van een kabel komen geen mensenhanden te pas. Als een zeekabel beschadigd raakt, zoekt een telecombedrijf eerst uit waar de breuk precies zit door er een lichtsignaal doorheen te sturen. Vanaf hun computers kunnen ze precies zien waar het licht stopt en waar dus de breuk zit.  

Vervolgens wordt er een schip naar deze plek gestuurd. Eenmaal aangekomen op hun bestemming laten de bemanningsleden een op afstand bestuurbaar robotvoertuig te water. Aan dit voertuig zitten armen en grijpers die de kabel omhoog halen. Aan boord van het schip doen monteurs vervolgens het reparatiewerk. 

In dit artikel in Wired vertelt de kapitein van een schip dat het reparatieproces eigenlijk heel ouderwets is en waarschijnlijk niet zal veranderen. Vaak vervangen de monteurs het gebroken deel van de kabel gewoon door een nieuw stukje. In het filmpje hieronder kun je precies zien hoe het in zijn werk gaat. 

Dit zijn de duurste en meest zeldzame postzegels ter wereld

D

Toen ik een jaar of acht was, spaarde ik een blauwe maandag postzegels. Ik hield het een halfjaar vol. Toen zette mijn vader twee albums met zeldzame postzegels bij het grofvuil, omdat ik er nooit naar omkeek.

Zelfs als je postzegels je niets interesseren, is het handig om te weten hoe een gele Tre Skillling Banco of een Blauwe Mauritius er uit ziet. Vind je er één, dan ben je namelijk meteen miljonair. Dit is de top 10 van ’s werelds meest zeldzame postzegels uit de geschiedenis. Het zou toch zonde zijn als je ze per ongeluk in de prullenbak gooit of bij het grofvuil zet.

Top 10: zeldzame postzegels

Er bestonden geen postzegels, totdat de Engelse leraar Rowland Hill in 1837 op het idee kwam om alle enveloppen te voorzien van een waardepapiertje. Dat leek hem handiger dan het postsysteem van destijds, waarbij de verstuurder moest betalen voor de afstand die een brief zou afleggen.

De Engelse regering voelde wel wat voor Hill’s plan en besloot een afbeelding van Koningin Victoria op de zegels te zetten. Haar gelaat werd afgedrukt op een zwarte achtergrond, daaronder werd de waarde vermeld: één penny.

De oudste postzegel ter wereld

De oudste zegel ter wereld staat nu bekend onder de naam Penny Black. Uiteindelijk werd de zegel maar één jaar gebruikt omdat poststempels nauwelijks waren te lezen op het zwarte papier.   

Een Penny Black is nu grof geld waard. In 2021 werd er eentje geveild voor acht miljoen dollar. Het is nu niet alleen de oudste, maar ook één van de meest zeldzame postzegels ter wereld

Banaanzegel

Niet alle postzegels zijn vierkant. Sommige landen maakten er in de jaren zestig een sport van om zegels in de vreemdste vormen te drukken. Zo lanceerde het Polynesische eiland Tonga de kromme ‘banaanzegel’  en kon je in Sierra Leone een brief versturen met een postzegel in de vorm van de kaart van het land.

De meeste verzamelaars beschouwen die ontwerpen als leuke, maar waardeloze gimmicks. Toch heeft de landkaartpostzegel van Sierra Leone een trend gezet. Het was namelijk ook de eerste zelfklevend zegel.

De achterkant was voorzien van stickerpapier, dat in een tropische klimaat veel beter bleef plakken dan ouderwets postzegelpapier waaraan je moest likken.

Pratende postzegel

Sommige zeldzame postzegels kun je ook op de platenspeler  leggen. De Amerikaanse ondernemer Burt Kerr Todd bedacht in de jaren zeventig dat een ronde luchtpostzegel van rubber tegelijkertijd dienst zou kunnen doen als kleine grammofoonplaat. Hij haalde de regering van Bhutan over om zijn idee uit te voeren.

Het land liet twee soorten grammofoonzegels drukken. Op de ene stond het volkslied, op de andere werd de geschiedenis van het land voorgelezen door ‘Mister Todd’.

De Amerikaan kreeg de Bhutanese ministers daarna nog zo gek om met postzegels van staal te experimenteren. Maar dat werd geen succes: de zegels begonnen al snel te roesten.

Tre Skilling Banco: een foutje

De 14-jarige postzegelverzamelaar Georg Backman uit Zweden maakte in 1855 een ‘inschattingsfoutje’. Hij kwam een vreemde zegel tegen op een oude brief van zijn oma. Het was een geel exemplaar van 3 skilling (een paar cent) met een afbeelding van het rijkswapen. Vreemd, vond Georg, want de Tre Skilling Banco was normaal gesproken groen van kleur. Toen een handelaar hem op een beurs 8 kronen (ongeveer 2 euro) bood voor de postzegel, kon hij zijn geluk niet op.

Jaren later las hij dat dezelfde handelaar een grote tentoonstelling had georganiseerd met de gele Tre Skilling Blanco als pronkstuk. In 1995 werd de gele Tre Skilling Banco geveild voor ruim een miljoen euro. In 2010 werd de postzegel opnieuw verhandeld, toen voor ongeveer anderhalf miljoen euro. Georg Backman zal het met lede ogen hebben aangezien…      

Buitenaardse postzegel

De enige buitenaardse postzegel werd in 1969 gedrukt. De bemanningsleden van de Apollo 11 hadden tijdens de eerste maanlanding een stempel bij zich, zodat ze óp de maan het eerste exemplaar van een speciale postzegel konden vervaardigen.

Op de stempel stond al een tekening van de landing. Om de afbeelding zo realistisch mogelijk te maken, had de illustrator van tevoren met Neil Armstrong afgesproken dat hij zijn linkervoet als eerste op het maanoppervlak zou zetten.

Dat deed de astronaut inderdaad, maar daarna had hij het zo druk met wetenschappelijke experimenten dat hij de postzegelstempel helemaal vergat. Uiteindelijk drukte hij de eerste ‘First Man on The Moon Stamp’ pas in de spaceshuttle op de weg terug naar de aarde.  

De duurste postzegel ter wereld

Geen enkele postzegel zorgde voor zo veel opschudding als de magentakleurige noodzegel van één cent uit Brits Guyana. Er werden in 1865 drie exemplaren van gedrukt, omdat een schip met nieuwe postzegels vertraging had.

De Amerikaanse miljonair Arthur Hind had lange tijd de enige overgebleven zegel in zijn bezit. In 1928 zou hij  tijdens een beurs ook een tweede exemplaar hebben ontdekt. Hij kocht het zeldzame stukje papier en stak het in brand, zodat de waarde van de andere zegel niet zou verminderen. In 1999 dook er in Bremen opnieuw een Brits Guyana 1 cent-zegel op, maar dat bleek een vervalsing te zijn. Het enige origineel is in 2014 voor het laatst geveild en bracht ruim 9 miljoen dollar op. Daarmee is het de duurste postzegel ter wereld.

De kleinste postzegel ter wereld

Je moet goede ogen hebben om de tekst te kunnen lezen op de de 10 centavos-zegels die tussen 1863 en 1866 werden gedrukt in Colombia. Het zijn de kleinste postzegels ter wereld: 8 bij 9,5 millimeter. 

Nog nooit is officieel vastgesteld wat de grootste postzegels ter wereld zijn. In China werden in 1913 weliswaar fikse lappen van 21,5 cm bij 6,5 cm op pakketjes geplakt. Maar die zegels waren alleen bedoeld om speciale expresbestellingen te versturen. Het voormalige Fujeira (één van de Verenigde Arabische Emiraten) liet in 1972 grote luchtpostzegels van 6 bij 10 centimeter drukken ter ere van de Olympische Spelen. Maar de Wereldpostunie keurde die publiciteitsstunt af en beschouwde de zegels als ‘ongeldig’. 

De meest legendarische postzegel

De vergeetachtige drukker Joseph Barnard zou in 1847 zijn ingehuurd om postzegels te bedrukken voor het postkantoor op de Engelse kolonie Mauritius. Het was de bedoeling dat hij oranje 1 penny en blauwe 2 penny zegels zou voorzien van de tekst Post Paid.

Volgens een legende vergat Barnard die tekst. Toen hij terugliep naar het postkantoor om zijn geheugen op te frissen, zag hij een bord waarop ‘Post Office’ stond. Oh ja, dat was het, dacht hij bij zichzelf. Uiteindelijk bedrukte hij de zegels met Post Office in plaats van Post Paid.

Twee van die unieke exemplaren (een oranje en een blauwe) gingen in 1993 samen voor bijna 2 miljoen euro onder de hamer.  Enkele jaren geleden werd er ook een blauwe Mauritius geveild in Nederland. In onderstaand filmpje zie je deze zeldzame postzegel van dichtbij.

Lees ook:

Afrodisiaca: dit voedsel wordt gezien als lustopwekkend, maar waarom eigenlijk?

A
afrodisiaca

Afrodisiaca is een moeilijk woord voor lustopwekkende middelen. De lastige naam is afgeleid van Afrodite. Dat was de Griekse godin voor de liefde. Volgens de legende werd zij geboren uit het schuim van de zee. 

Door dat verhaal ontstond ook het geloof in afrodisiaca. Omdat de godin van de liefde voortkwam uit de zee, geloofden de oude Grieken en Romeinen dat zeevruchten en vis een  lustopwekkende werking hadden.  

Maar in de loop van de geschiedenis zijn mensen veel meer planten, gerechten en dranken gaan zien als lustopwekkend. Waarom zouden deze middelen een positieve invloed hebben op de seksuele prestaties? En wat klopt ervan?

(Dit artikel verscheen eerder – in aangepaste vorm – in Quest)

afrodisiaca: een korte geschiedenis

De oudste geschreven bron over potentieverhogende middelen is gevonden op Egyptische papyrusrollen uit 1700 voor Christus. Het geschrift bevat een recept tegen impotentie, waarin de lezer wordt aangespoord om bladeren van de christusdoorn en acaciaplanten te mengen met honing en op zijn geslachtsdelen aan te brengen.

Bij de Romeinen werden fruit en honing, afkomstig uit de boomgaard, óók als lustopwekkend gezien, alleen verbonden zij dit niet aan hun liefdesgodin, maar aan rauwe seks. De Romeinse boomgaard werd beschermd door Priapus, een god met een gigantische penis.

In de loop van de eeuwen ontstond er een lange lijst met middelen die werden aangegrepen om de lust op te wekken: van cacao en honing tot rode peper, tijgerpenis, knoflook, kaviaar, champagne en gemalen neushoorn. 

Hoe werken afrodisiaca?  

Inmiddels is aangetoond dat de meeste afrodisiaca niet werken. Maar de mythes rond lustopwekkend voedsel zijn hardnekkig.

Waarom dachten onze voorouders dat ze hun seksuele prestaties kunnen verbeteren met de hoorn van een neushoorn, of gember? En waarom geloven sommige mensen er nog steeds in? Ik nam een duik in de historische theorieën.

Voor het tijdschrift Quest Historie sprak ik met voedselhistoricus Patrick Faas. Hij legt uit dat je afrodisiaca kunt indelen in drie groepen, op basis van de veronderstelde werking.   

 “Ten eerste zijn er de magische afrodisiaca”, zegt hij. “Die zijn gebaseerd op losse tradities.  Maar de magie kent sommige wetmatigheden zoals: als iets op elkaar lijkt, werkt het ook hetzelfde. Dus wie eruit ziet als een wolf, krijgt de krachten van een wolf en wie ballen eet, krijgt ballen.” 

De asperge, de banaan en de hoorn van de neushoorn zouden daarom potentieverhogend zijn. Maar ook oester zouden om die reden de seksuele lusten opwekken. De achterliggende magische reden is nogal simpel, namelijk de vorm.    

Mensenkruid

Magische verhalen over liefdesdranken werden volop gebruikt door heksen en tovenaars in de middeleeuwen. Een van de meest tot de verbeelding sprekende ingrediënten voor toverdranken uit die tijd is de alruin, een plant met een wijd vertakte wortel die volgens sommige legendes de vorm van een mannetje had en daarom de bijnaam ‘mensenkruid’  kreeg.

Al in het Oude Testament wordt de alruin als afrodisiacum genoemd. De beroemde alchemist Heinrich Agrippa Von Nettesheim uit de vijftiende eeuw beschrijft in zijn boek Magische Werke tot in detail hoe de wortel moest worden geplukt voor het gebruik in een liefdesdrank.

‘De wortel zal de persoon die hem uit de aarde trekt, begroeten met de dood als diegene zichzelf niet beschermt met een amulet dat is gemaakt uit dezelfde soort wortel. Zij die niet zo’n amulet bezitten moeten een cirkel uitgraven in de aarde rondom de alruin en een hond aan de plant vastbinden. Omdat de hond zichzelf zal willen bevrijden, zal hij de wortel uit de grond trekken en sterven in de plaats van zijn meester. De wortel kan daarna door iedereen worden opgepakt zonder gevaar.”  

Magische werke, Heinrich Agrippa Von Nettesheim

Medische afrodisiaca

Naast de magische liefdesmedicijnen zijn er ook lustopwekkende middelen waarvan de werking op een meer inhoudelijke manier werd verklaard. Volgens historicus Faas zijn die middelen te beschouwen als medische afrodisiaca. 

“Die middelen komen voort uit oude theorieën over het menselijk lichaam en de natuur, ”, zegt hij. “Een goed voorbeeld daarvan is de Chinese theorie over yin en yang. Volgens die theorie zijn mannen nogal heet van aard en vrouwen tamelijk koud. Alcohol is heet, net als specerijen, vlees, knollen en penen, denk bijvoorbeeld aan gember en knoflook. Maar graan en rijst zijn koel en fruit is koud.”

De eeuwenoude theorie heeft volgens de historicus grote invloed op voedsel dat in oude Aziatische culturen als afrodisiacum wordt beschouwd. “Het vlees van carnivoren is het heetst en daarom zouden bijvoorbeeld kattenvlees en hondenvlees potentieverhogend zijn.” 

Afrodisiaca op basis van Geuren

Ook in Europa was het gebruik van afrodisiaca lange tijd gebaseerd op primitieve medische theorieën. Zo beschouwde de Romeinse arts Claudius Galenus in de tweede eeuw na Christus alle hete en vochtige spijzen als potentieverhogend.

Hij had daarvoor een bijzondere verklaring. Het voedsel zou leiden tot winderigheid, waardoor de bloedvezels werden opgeblazen en een erectie ontstond. Die theorie hield nog tot ver in de Renaissance stand.   

Behalve lustopwekkend voedsel zijn ook geuren altijd al een geliefd middel geweest om de seksuele prestaties te verbeteren.

“Zakdoekjes met het okselzweet van bepaalde sexy dames brachten tijdens de barok veel geld op”, weet Faas. “Vooral in Italië bestond hierin een levendige handel. Je kunt zeggen dat dit soort afrodisiaca zijn gebaseerd op feromonen. Dat zijn geurstoffen die planten en dier gebruiken ten bate van de voortplanting. Bloemgeuren zijn daarvan een goed voorbeeld. Die gebruiken we nog steeds in parfum.” 

Dit maakte afrodisiaca overbodig

Voor mannen zijn afrodisiaca in de vorm van voedsel eigenlijk overbodig geworden door een experiment dat bijna twintig jaar geleden plaatsvond in Engelse plaatsje Sandwich. Het farmaceutisch bedrijf Pfizer testte daar een nieuw medicijn tegen de hartkwaal angina pectoris.

Het middel met de naam Sildenafil bleek echter maar weinig effect te hebben op de klachten van de proefpersonen. Toch weigerden veel van de mannelijke deelnemers aan het experiment de pillen terug te geven. Uit nader onderzoek bleek waarom niet: het medicijn bezorgde de mannen een erectie. In 1998 kwam Sildenafil op de markt onder de naam Viagra. 

“Viagra heeft de traditionele middelen buiten spel gezet”, zegt Patrick Faas. “Waarom zou je nog rode pepers op je penis smeren, nu er Viagra is? En voor de neushoorn is het einde van de zoektocht naar afrodisiaca ook goed nieuws, er is geen reden meer om op dat dier te jagen.”

Lees ook:

Zo regel je de temperatuur in je slaapkamer (zonder je partner lastig te vallen)

Z
temperatuur-slaapkamer-beeld

De ideale temperatuur in de slaapkamer ligt tussen de 16 en 18 graden. Maar iedereen heeft een andere voorkeur. En dat zorgt nogal eens voor onenigheid in de slaapkamer. Moet dat raam nu wel of niet open? 

Toch is er een manier waarop je jouw lichaamstemperatuur kunt regelen zonder je partner lastig te vallen. In dit artikel lees je een slimme techniek om je lichaam snel te laten afkoelen zonder het raam open te zetten. 

De temperatuur in je slaapkamer

Als je gaat slapen, ben je gelukkig niet helemaal afhankelijk van de temperatuur in je slaapkamer. 

In je hersenen zit een soort ingebouwde thermostaat: de hypothalamus. Dit hersengebied zorgt ervoor dat je lichaamstemperatuur automatisch met een of twee graden daalt zodra je gaat slapen. Maar dat betekent niet dat een warme of koude slaapkamer geen invloed heeft op je slaappatroon. 

Sterker nog: de temperatuur in de ruimte waar je slaapt is één van de belangrijkste factoren bij het bereiken van een goede nachtrust. Dat blijkt uit een Amerikaanse studie waarbij de uitkomsten van tientallen onderzoeken naar slaap werden geanalyseerd.    

Vooral warmte heeft een negatieve invloed op slaap. Deze studie laat zelfs zien dat mensen bij een temperatuur boven de dertig graden gemiddeld 14 minuten slaap per nacht verliezen. 

Maar gelukkig er is er iets aan te doen. Als je er in slaagt om je slaapkamer slechts 2 graden koeler te maken dan de rest van je huis, heeft dat een positieve invloed op je slaap. 

Maar wat is nu de ideale temperatuur? 

Uit onderzoek blijkt dat de meeste mensen zonder problemen kunnen slapen bij een temperatuur tussen de 15 en 23 graden Celsius. Maar slaapexperts zijn het er over eens dat de ideale temperatuur rond de 18 graden ligt. Al zijn er kleine verschillen voor baby’s, volwassen en ouderen. Zie de tabel hieronder: 

Wie?Beste temperatuur slaapkamer
Baby’s en peuters18 – 22 graden Celsius
Kinderen en volwassenen15 – 22 graden
Ouderen19 – 21 graden
Bron: Sleepadvisor.org

Zo regel je je lichaamstemperatuur zonder je partner lastig te vallen 

De ideale slaaptemperatuur verschilt dus per leeftijd en per persoon. Gelukkig is er een manier om je lichaam voor het slapengaan snel te laten afkoelen zonder je partner lastig te vallen door het raam open te zetten.  

Uit dit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat je lichaamstemperatuur sneller daalt als je 90 minuten voordat je gaat slapen een bad of douche neemt. Dat werkt het beste als de  temperatuur van het water rond de 40 graden Celsius is. Waarom? 

Door het warme water verhoog je je lichaamstemperatuur tijdelijk. Als reactie daarop gaan de bloedvaten in je handen en voeten wijder open staan om warmte te verliezen.

Als je vervolgens in bed gaat liggen, zal je lichaam daardoor sneller afkoelen dan normaal – ook al staat het raam niet open. Gemiddeld slapen mensen die deze methode gebruiken tien minuten sneller. 

Overigens werkt een bad volgens de wetenschappers beter dan een douche. Het water omringt dan namelijk je hele lichaam. Daardoor is het effect op je lichaamstemperatuur sterker, en koel je beter af als je eenmaal in bed ligt.   

Droog je wel goed af voordat je in bed gaat liggen, anders krijg je misschien alsnog ruzie met je partner 😉 

Lees ook:
– Wat is eigenlijk een normale lichaamstemperatuur?
– De 4 slaapfasen: dit gebeurt er in je lijf
– Hoe lang kan een mens eigenlijk zonder slaap?

Waarom 37 graden niet de normale lichaamstemperatuur is

W
lichaamstemperatuur-foto-normaal

De gemiddelde lichaamstemperatuur van mensen is 36,4 graden Celsius, en niet 37 graden. Dat blijkt uit steeds meer wetenschappelijke studies. Het is even wennen.

Zelf was ik al tiener vaak teleurgesteld als mijn temperatuur niet boven dat magische getal van 37 graden uitkwam. Want dan had ik geen geen excuus om me ziek te melden op school. 

Maar die gouden standaard van 37 graden is inmiddels achterhaald. Daalt onze gemiddelde lichaamstemperatuur echt? En zo ja, waarom precies? Neem een duik in de wetenschap achter de interne thermostaat van ons lichaam. Klik op een vraag hieronder om meteen antwoord te krijgen.

De ‘normale’ lichaamstemperatuur 

Om te begrijpen wat een normale lichaamstemperatuur is, is het handig om te weten hoe je lijf jouw temperatuur op peil houdt. De belangrijkste schakel in dit proces is de hypothalamus. Dat hersengebied wordt beschouwd als de thermostaat van het brein.

Met behulp van speciale hersencellen en receptoren in het hele lichaam registreert de hypothalamus continu hoe warm of koud je het hebt. En als het nodig is, grijpt dit hersendeel in om je lichaamstemperatuur constant te houden. 

Als je het koud hebt, zorgt de hypothalamus er bijvoorbeeld voor dat je bloedvaten in je huid vernauwen om geen warmte te verliezen (soms krijg je dan kippenvel). Als je het heet hebt, verwijden de bloedvaten juist en ga je zweten. 

Een ‘normale’ lichaamstemperatuur is dan ook een relatief begrip. In feite verandert je lichaamstemperatuur constant onder invloed van je omgeving, maar ook door lichaamsklok. Tijdens het slapen daalt je temperatuur bijvoorbeeld. ‘s Ochtends is je lichaam daardoor een halve graad koeler dan aan het einde van de middag. Kortom: je kunt beter spreken van een gemiddeld lichaamstemperatuur. 

Waar komt die 37 graden vandaan?

In de negentiende eeuw was de gemiddelde lichaamstemperatuur van mensen weldegelijk 37 graden Celsius. Dat weten we door metingen van de de Duitse arts Carl Reinhold August Wunderlich. Hij nam in 1855 de temperatuur op van 25.000 patiënten in het ziekenhuis van Leipzig. Zijn gemiddelde wordt door veel mensen nog steeds gezien als de gouden standaard.  

Eigenlijk is dat vreemd, want zijn studie is meer dan 150 jaar oud en daardoor niet representatief. Wunderlich gebruikte een primitieve thermometer van maarliefst 30 centimeter. Hij moest het apparaat vaak 20 minuten onder de oksels van zijn patiënten houden om hun temperatuur goed te kunnen bepalen. 

Lastig was ook dat zijn thermometer alleen tijdens de meting was af te lezen. Hij moest het getal dat op het apparaat verscheen dus noteren terwijl de thermometer nog onder de oksel van zijn patiënten zat.   

Sinds zijn studie is de techniek met sprongen vooruit gegaan, en de lichaamstemperatuur van mensen is waarschijnlijk gedaald. Hoe weten we dat? 

Een nieuwe normale lichaamstemperatuur

Onderzoekers van de Universiteit van Stanford hebben de ‘nieuwe normale lichaamstemperatuur vastgesteld’ met een omvangrijke studie. Ze vergeleken de lichaamstemperaturen van oorlogsveteranen uit de Amerikaanse burgeroorlog met de die van militairen uit de jaren zeventig en die van ziekenhuispatiënten uit de 21e eeuw. En wat blijkt? 

De gemiddelde lichaamstemperatuur is in de afgelopen eeuwen met ongeveer 0,03 graad Celsius per decennium afgenomen. 

Bij mannen ligt het gemiddelde nu 0,59 graden lager dan begin 19e eeuw. Bij vrouwen is de temperatuur met 0,32 graden afgenomen. 

Gemiddeld genomen hebben mensen nu een lichaamstemperatuur van 36,4 graden Celsius in plaats van 37 graden Celsius. De grote vraag is natuurlijk: wat is de oorzaak van die veranderde temperatuur? 

Falende thermometer? 

Je kunt je afvragen of het gemiddelde wel echt veranderd is. Misschien konden wetenschappers zoals Carl Wunderlich in de negentiende eeuw gewoon geen goede metingen verrichten door primitieve thermometers.

De Amerikaanse onderzoeker Philip Mackowiak testte één van de thermometers die Wunderlich gebruikte. Hij nam de temperatuur van enkele van zijn patiënten op  met het primitieve apparaat. 

Daarna vergeleek hij de resultaten met die van moderne thermometers. In veel gevallen waren vielen de metingen van Wunderlich’s thermometer veel te hoog uit, soms zelfs meer dan 1 graad, zo meldt het wetenschappelijk tijdschrift Nature.

Volgens Mackowiak is dat waarschijnlijk de verklaring voor de lagere lichaamstemperatuur in deze tijd. Maar niet alle wetenschappers zijn het met hem eens. 

Lagere lichaamstemperatuur door minder ziektes? 

Volgens de onderzoekers van de Universiteit van Stanford kunnen we de de lagere lichaamstemperatuur niet alleen toeschrijven aan preciezere thermometers. Daarvoor is het verschil in hun ogen te groot.   

Onderzoeker Julie Parsonnet denkt dat de gemiddelde temperatuur van het menselijk lichaam daadwerkelijk veranderd is. De daling van onze interne thermostaat kan veroorzaakt door betere zorg en medicijnen. 

Honderdvijftig jaar geleden hadden relatief veel mensen last van zoektes zoals syfilis, malaria en tuberculose, waarbij vaak koorts optrad. In de negentiende eeuw leed bijvoorbeeld 2 tot 3 procent van de bevolking aan tuberculose. 

Mogelijk viel de gemiddelde lichaamstemperatuur daardoor hoger uit. 

Maar ook onze comfortabele leefomstandigheden hebben volgens Parsonnet mogelijk invloed op de inwendige temperatuur. De meeste mensen wonen nu – in tegenstelling tot onze voorouders in de negentiende eeuw –  in huizen met verwarming of airconditioning. 

“We leven nu een comfortabeler leventje in een omgeving met een consistente temperatuur tussen de 19 en 22 graden”, aldus Parsonnet in het tijdschrift Time. “Het is geen strijd meer om je lichaam warm te houden.” De thermostaat van ons lichaam staat daardoor nu lager afgesteld, zo vermoedt ze. 

In het onderstaande filmpje wordt de studie over de veranderende lichaamstemperatuur besproken.

Verandert de definitie van koorts? 

De oorzaak van de dalende lichaamstemperatuur is misschien niet eens het belangrijkste. Wetenschappers houden zich vooral bezig met de vraag: wat betekent dit voor de definitie van koorts en onderkoeling? 

In 2022 kwamen onderzoekers uit de hele wereld bijeen op een grote conferentie in Eindhoven om te discussiëren over dit soort kwesties. 

De voorzitter was de Nederlander Luuk Otterspoor. Hij vindt het belangrijk dat zo veel mogelijk mensen kennis nemen van de veranderende lichaamstemperatuur. “Op bijvoorbeeld Wikipedia lees je nu nog dat 37 graden de normale lichaamstemperatuur is, maar dat is echt gedaald naar 36,4 graden”, verklaarde hij in een interview op Radio 1.  

Vooral artsen moeten zich hiervan bewust zijn. “Maar of de definitie van koorts ook veranderd moet worden, is nog maar de vraag”, aldus Otterspoor. “Die definitie is sowieso al lastig. Verschillende bronnen geven verschillende waardes aan voor koorts. Alleen op de Intensive Care is het echt goed gedefinieerd als een temperatuur van 38.4 graden of meer.”  

Maar in een huisartsenpraktijk of thuis het veel moeilijker te bepalen of iemands temperatuur te hoog of te laag is. “Oudere mensen krijgen bijvoorbeeld minder vaak koorts. Ze worden wel ziek, maar zonder koorts”, zegt Otterspoor.  

Normale Lichaamstemperatuur per leeftijd

Kortom: een normale lichaamstemperatuur is niet voor iedereen hetzelfde. Wat zijn gemiddelde waardes per leeftijd? Amerikaanse wetenschappers vergeleken de uitkomsten van meer dan dertig studies. Dit waren de resultaten: 

LeeftijdGemiddelde Lichaamstemperatuur onder okselGemiddelde lichaamstemperatuur in mond Gemiddelde lichaamstemperatuur in oor of rectaal
0 – 12 maanden (baby)36.4 – 37.3°C36.7 – 37.3°C37 – 37.9°C
1 – 12 jaar35.9 – 36.83°C36.4 – 37.4°C37 – 37.9°C
Volwassenen35 – 36.1°C35.6 – 36.7°C36.1 – 37.2°C
65 jaar en ouder33.3 – 36.4°C33.9 – 37°C34.4 – 37.6°C
Nuttige en nutteloze feitjes

Even voorstellen: Dennis Rijnvis

Als ik een stripheld zou zijn, zou ik er waarschijnlijk uitzien als op deze tekening. Mijn naam is Dennis Rijnvis. Ik ben schrijver, blogger en schreef als wetenschapsjournalist voor Quest en De Volkskrant. Op deze website deel ik inzichten over wetenschap, geschiedenis en zelfontwikkeling.

Op mijn andere blog Schrijfvis, geef ik schrijftips en advies voor storytelling.

Recente berichten

Recente reacties

Archieven

Categorieën

Meta