Nuttige en nutteloze feitjes
Auteur

Dennis Rijnvis

Schrijver en wetenschapsjournalist
D

Hoe wordt vuurwerk eigenlijk gemaakt? Over geschiedenis en records

H
vuurwerk-foto

De geschiedenis van vuurwerk gaat ongeveer 1500 jaar terug. Tijdens de Tang-dynastie in China gebruikten mensen al knalvuurwerk om boze geesten te verdrijven.

Nog steeds is vuurwerk nauwelijks weg te denken uit onze maatschappij, ook al pleiten steeds meer mensen voor een verbod. Voor het populair wetenschappelijk tijdschrift KIJK nam ik een duik in de geschiedenis van knalvuurwerk en siervuurwerk. Hoe wordt het gemaakt? Wie heeft het uitgevonden? En wat is ernstvuurwerk?

Hoe maak je (knal)vuurwerk

De ingrediënten voor de simpelste vorm van vuurwerk – het rotje – zijn al duizenden jaren hetzelfde. De kartonnen kokers worden gevuld met kaliumnitraat oftewel salpeter, houtskoolpoeder en zwavel in de verhouding 15:3:2. De eerste Chinese vuurwerkmakers gebruikten precies hetzelfde mengsel. 

Als je de lont van een rotje aansteekt, reageren de ingrediënten hevig op elkaar. De vaste stoffen worden omgezet in koolstofdioxide en stikstofgas. De druk in het kartonnen omhulsel neemt door die gassen razendsnel toe, zodat het rotje uit elkaar knalt. 

Hoe werken vuurpijlen

Vuurwerk wordt natuurlijk echter pas echt spectaculair als het door de lucht vliegt.  Het maken van een vuurpijl is wat ingewikkelder dan een rotje. Dit soort vuurwerk bevat meestal twee compartimenten met buskruit.

De eerste lading is bedoeld om de pijl de lucht in te lanceren. Een zeer langzaam brandende lont zet dit deel als eerste in vuur en vlam. De gassen die ontstaan, kunnen ontsnappen via een klein gaatje aan de onderkant: de straalpijp. Hierdoor vliegt de pijl omhoog. De houten stok aan de onderkant zorgt voor de nodige stabiliteit tijdens de vlucht. 

Wanneer de pijl zijn hoogste punt bereikt, heeft het vuur van de lont zich verspreidt naar het tweede compartiment. Dit is gevuld met buskruit en zogenaamde sterren die zorgen voor lichteffecten. 

De kleur van vuurwerk

De specifieke kleuren van vuurwerk komen tot stand door een reactie van metalen die zijn toegevoegd aan het buskruit. Door de explosie van het buskruit stijgt het energieniveau van de elektronen in deze metalen.

Als de ontploffing voorbij is, komen de elektronen weer langzaam in hun oude staat. De extra opgewekte energie komt dan vrij in de vorm van licht. De kleur van het licht hangt af van het soort metaal. Magnesium zorgt bijvoorbeeld voor wit licht, strontiumnitraat veroorzaakt een rode gloed, chloraat geeft een groene kleur af en koper zorgt voor blauw licht.  

Wat is Ernstvuurwerk? 

Vuurwerk steek je niet altijd af ter gelegenheid van een feestje. Als je op zee in nood raakt, kan zogenaamd ernstvuurwerk je laatste hoop op redding zijn.

Zeilers die hulp nodig hebben en geen verbinding meer hebben met het vaste land, schieten vaak lichtkogels af. Dat zijn een soort vuurpijlen die niet ontploffen, maar wel enkele tientallen seconden lang een groen of rood licht afgeven.

Ook in het leger wordt ernstvuurwerk gebruikt. Zo trekken soldaten soms een rookgordijn op met behulp van een rookbom.  

Tijdlijn: de geschiedenis van vuurwerk

200 voor Christus – Bamboerotjes
De voorlopers van rotjes zijn waarschijnlijk afgestoken tijdens de Han-dynastie in China. Boeren gooiden destijds bamboe in kampvuren om boze geesten op afstand te houden. De bamboestengels ontploften, omdat lucht aan de binnenkant uitzette door de hitte.      

1e eeuw – Bengaals vuurwerk
De bewoners van Bengalen (een regio in het noordoosten van Azië) kookten honderd jaar na Christus al voedsel op houtvuur. Ook voegden ze ze bij gebrek aan zout vaak salpeter aan hun eten toe. Het is volgens sommige wetenschappers mogelijk dat dit salpeter in aanraking kwam met het vuur en zorgde voor de eerste lichteffecten, waardoor zogenoemd Bengaals vuurwerk ontstond.

6e tot 10e eeuw – buskruit 
De Chinezen vonden waarschijnlijk tussen de zesde de tiende eeuw het buskruit uit. Ze gebruikten hun primitieve vuurwerk bij religieuze rituelen. Maar waarschijnlijk lanceerden ze ook al met buskruit gevulde raketten tijdens oorlogen. 

13e eeuw – Vuurwerk in Europa
De ontdekkingsreiziger Marco Polo bracht het buskruit waarschijnlijk in de dertiende eeuw naar Europa, waar het vooral voor de ontwikkeling van raketten en bommen wordt gebruikt. 

14e en 15e eeuw Italiaans vuurwerk
De Italianen begonnen als eerste volk in Europa zelf siervuurwerk te ontwikkelen. Ze zagen dit vuurwerk als een vorm van kunst. 

16e eeuw – Independence Day 
Het vuurwerk bereikt ook de Verenigde Staten. In 1777 wordt Independence Day voor het eerst gevierd, met vuurpijlen.   

19e eeuw – Vuurwerk in kleur  
Italiaanse vuurwerkdeskundigen oftewel pyrotechnici voorzien vuurwerk in 1830  voor het eerst van kleur. 

Feiten en cijfers over vuurwerk

  • De grootste vuurpijl ter wereld werd op 8 februari 2020 afgestoken in Colorado. De pijl woog 1270 kilo. Hierboven zie je een filmpje van de lancering.
  • Tijdens een gemiddelde jaarwisseling wordt er in Nederland ongeveer 12 miljoen kilo vuurwerk afgestoken. 
  • Een rotje mag  in Nederland maar 0,5 buskruit bevatten. Verder moet de lont zo vertragend werken dat het vuurwerk pas 3 seconden na het aansteken ontploft. 
  • Nederlanders mogen maximaal 10 kilo vuurwerk per persoon vervoeren. Knalvuurwerk mag niet luider klinken dan 156 decibel.
  • De meest getroffen lichaamsdelen bij vuurwerkongelukken zijn vingers (32%), handen (25%), ogen (15%) en het hoofd (13%)
  • Bij de grootste vuurwerkshow aller tijden in Dubai werden op 31 december 2014 maarliefst 479,651 stuks vuurwerk de lucht in geschoten binnen zes minuten. Dat leverde een vermelding op in het Guinness Book of Records.

Lees ook:
– Hoeveel calorieën zitten er in menselijke poep?
– Waarom zeggen we ‘gezondheid’ als iemand niest

Wat zeggen honden precies met hun kwispelende staarten?

W
hondenstaart

Mijn oppashond Thabor begroet me deze zomer elke ochtend met dezelfde staartbeweging. Als ik de huiskamer binnenloop en haar naam noem, slaat ze met haar staart een paar keer op op de grond.  Kijk maar…

Soms doet ze dat heel enthousiast, zodat er een luid getik op de vloer klinkt (onderaan dit artikel zie je een filmpje). Vaak kijkt ze me hierbij doordringend aan, alsof ze vraagt: wat gaan we doen? 

Maar let op, een kwispelende hond is niet altijd blij. 

De taal van een hondenstaart

Het gedrag van mijn oppashond maakte me nieuwsgierig naar de betekenis van gekwispel. Wat willen honden ons duidelijk maken met verschillende staartbewegingen? 

Helaas kan een hond je dat niet zelf vertellen. Maar wetenschappers hebben wél talloze experimenten en onderzoeken uitgevoerd om de taal van hun staartbewegingen te ontcijferen. Inmiddels weten biologen vrij goed wat honden zeggen met hun staart. Zo maakt het bijvoorbeeld veel uit of een staart naar rechts of naar links beweegt.  

Het kan het verschil betekenen tussen positieve opwinding en angst…

Staart naar rechts of links? 

Als honden hun staart vooral naar rechts laten zwiepen (gezien vanaf hun eigen gezichtspunt), zijn ze meestal blij en opgewonden. 

Als de viervoeters iets of iemand zien waar ze liever geen contact mee maken, bewegen ze hun staart bij het kwispelen meer naar links. 

Hoe weten we dat? Italiaanse wetenschappers hebben dit ontdekt bij een inmiddels beroemd experiment. Ze plaatsen 30 honden één voor één in een kooi vol camera’s, zodat ze hun staartbewegingen goed konden filmen. Vervolgens werden de viervoeters geconfronteerd met hun baasjes en andere vriendelijke mensen, maar ook met katten en agressieve honden. 

Bij het zien van hun baasje, vriendelijke mensen of een kat, zwiepte de staart van bijna elke hond naar rechts. Bij het zien van agressieve honden bewoog hun staart juist naar links. 

Hoe reageren andere honden? 

Andere honden begrijpen meteen wat een soortgenoot communiceert met een staartbeweging naar links of naar rechts. Dat bleek toen de Italiaanse wetenschappers bij een vervolgexperiment lieten kijken naar videobeelden van andere viervoeters. 

Als de honden een soortgenoot naar links zagen kwispelen, schoot hun hartslag omhoog en werden ze zenuwachtig. Als de viervoeter op de videobeelden zijn staart naar rechts bewoog, bleven de honden rustig.  

Snel of langzaam kwispelen

Ook de snelheid waarmee een hond de staart heen en weer beweegt, zegt iets over de relatie met het andere dier of mens. Hoe sneller de bewegingen, hoe beter de verstandhouding.

Bij het Italiaanse experiment bleek dat honden hun staart razensnel heen en weer lieten zwiepen bij het zien van hun baas. 

Bij andere vriendelijke mensen, ging hun staart iets langzamer heen en weer. Bij katten bewoog hun staart wel naar rechts, maar opvallend traag. Kortom: ze hadden zin om op de kat af te rennen, maar waarschijnlijk niet omdat ze warme gevoelens hadden voor het dier. 

Staart hoog of laag? 

Ook als honden niet kwispelen kun je iets aflezen aan hun staart. De basishouding laat zien hoe het dier zich voelt. Volgens hondenexperts en organisaties kun je de volgende emoties aflezen aan de verschillende staarthoudingen

Staart laag
De hond voelt zich onzeker en mogelijk bedreigd. In het meest extreme geval duwt het dier zijn staart onder zijn lichaam om zijn onderdanigheid te tonen, in de hoop gevaar af te wenden. 

Staart ontspannen
De hond is ontspannen en niet erg bezig met zijn omgeving. Het dier communiceert nu verder niet met zijn staart. 

Staart halfhoog  
De hond is opgewonden, heeft zelfvertrouwen en wil zijn omgeving verkennen. De kans is ook groot dat het dier open staat om te spelen. 

Staart helemaal omhoog
De hond neemt een dominante positie aan en voelt zich heer en meester in zijn omgeving. Dit kan een waarschuwing zijn voor een aanval op bijvoorbeeld een soortgenoot, of in extreme gevallen een mens.  

In de video hieronder worden de verschillende posities uitgelegd met plaatjes.

Waarom honden kwispelen

Overigens kun je bij pasgeboren puppy’s nog geen emoties aflezen aan hun staartbewegingen. Het is aangeleerd gedrag.

Honden leren de kwispelende staartbewegingen pas na enkele weken van hun moeder. Als honden niet opgroeien bij hun moeder, maar bijvoorbeeld bij katten, kwispelen ze veel minder. 

In het filmpje hieronder, zie je hoe mijn oppashond Thabor reageert als ze haar naam hoort.

Lees ook:
Hoe ziet een hond zijn baas?
Waarom katten zo lang slapen

Bomen herkennen doe je zo: van beuk tot iep en es

B
bomen-herkennen-foto

Bomen herkennen is lastig. Tenminste, dat vind ik. Laatst liep ik langs een gigantische boom op het schoolplein van mijn oude basisschool. We gebruikten de stam vroeger als doelpaal. De aanblik van de boom riep een nostalgisch gevoel op. Maar toen bedacht ik me iets geks: ik wist niet wat voor boomsoort het was. 

Eigenlijk is dat raar. In Nederland wandel je elke dag langs tien tot honderd bomen. Maar veel Nederlanders – waaronder ikzelf dus –  kunnen de meest simpele boomsoorten niet herkennen.

Welke boomsoorten herken jij als je door een bos loopt, of de wijk waarin je woont? Alleen in Nederland staan meer dan 5.000 soorten bomen.

bomen herkennen doe je zo

In dit artikel geef ik een overzicht van de meest voorkomende soorten bomen in Nederland. En ik probeer je met een goede beschrijving en foto’s een signalement te geven, zodat je ze zelf kunt herkennen tijdens je volgende wandeling.

1 – Grove den 

Door Hello, I am Bruce on Flickr – Flickr, CC BY-SA 2.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=6314896

De grove den (Pinus sylvestris) is een naaldboom met lange stengels aan de takken, waaraan verspreid staande naalden zitten. Een grove den kan 25 tot 35 meter hoog worden. 

Uit onderzoek van de Universiteit Wageningen blijkt dat de grove den de meest voorkomende boomsoort in Nederland is. Ongeveer een derde van al onze bossen bestaat uit aangeplante grove dennen. 

Hoe herken je de grove den? 
Deze bomen kun je herkennen aan het oranje bruine schors bovenaan de stam. Verder staan de naalden in typisch patroon, twee aan twee (zie foto). De naalden zijn ongeveer 5 centimeter lang. 

In het filmpje hieronder zie je beelden van de grove den en krijg je meer uitleg.

2 –  eik 

Door Jürgen Eissink – Eigen werk, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=80145199

De eik (Quercus) is een boom waaraan, zoals de naam al zegt, eikels groeien. Meestal gebeurt dat in het najaar. Als eiken in een open omgeving groeien, kunnen ze tot 40 meter hoog worden. Ongeveer 18 procent van alle bomen in Nederland zijn eiken.

Eiken verspreiden zich overigens met behulp van hun eikels. Die vallen niet ver van de boom, en worden vaak verplaatst en elders begraven door eekhoorns. Vervolgens kan daar een nieuwe eik groeien. 

Hoe herken je een eik? 
Een eikenboom herken je aan de zogenoemde gelobde bladeren. Dat houdt in dat er inkepingen in het blad zitten die een wat afgeronde vorm hebben. Verder kan de stam erg dik worden en zijn de takken wat gebogen. Aan de eikels zitten relatief lange steeltjes. In het filmpje hieronder zie je dat goed.

3 – Berk

Door Darkone, de:21. Oktober 2004 – Verplaatst vanaf de.wikipedia naar Commons door Multichill., CC BY-SA 2.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=3383436

De berk (betula) komt eigenlijk overal op het noordelijk halfrond voor. Voor de Germanen was de berk een heilige boom. Ze geloofden dat de godin van de liefde, Freya, in deze bomen huisde. In Nederland hoort ongeveer 6 procent van alle bomen bij deze soort. De vraag is of dat zo blijft. Berken hebben erg ondiepe wortels, en zijn daardoor slecht bestand tegen de toenemende droogte.

Hoe herken je een berk?
Berken zijn één van de makkelijkst te herkennen boomsoorten in Nederland. De bomen hebben een opvallende witte bast en lichtgroene bladeren. Ze worden ook wel ‘de witte vrouwen met groene sluiers’ genoemd. De bladeren zijn ruitvormig en er zitten karteltjes aan de randen. Als de boom in bloei staat groeien er rupsvormige bloemen aan, die ‘katjes’ worden genoemd.

4 – Beuk

Door Henk Monster, CC BY 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=59713277

De beuk (Fagus sylvatica) is een breed uitgroeiende boom met takken waaraan zigzaggende twijgjes groeien. Aan de boom groeien beukennootjes die in het najaar eetbaar zijn. Beuken hebben een dicht bladerdak, dat zorgt voor voor veel schaduw. Ongeveer 4 procent van alle bomen in Nederland zijn beuken. Hieronder zie je een portret van één van de oudste beuken in Nederland.

Hoe herken je een beuk?
Je herkent een beuk aan de mooie koepelvormige kroon. De bomen worden ongeveer dertig meter hoog. De stam is opvallend glad. De bladeren van beuken zijn ovaalvormig met een relatief gladde rand. Beukennootjes groeien in een stekelig omhulsel, ook wel een bolster genoemd. Hieronder zie je een tekening uit een schoolboek uit de vorige eeuw.

5 – Wilg

Door Antilived – Eigen werk, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=1444090

De wilg (Salix) kom je in Nederland in vele vormen tegen: van treurwilg tot knotwilg, schietwilg of kraakwilg. Het zijn ijzersterke bomen die ook kunnen groeien in waterrijke gebieden. Veel wilgen kunnen zelfs overleven als ze een tijdje onderwater staan. In de bast van wilgen zit salicinezuur. Dat stofje wordt gebruikt om pijnstillers te maken, zoals aspirine.

Hoe herken je een wilg?
Sommige beuken zijn makkelijk te herkennen aan hun uiterlijk. De knotwilg aan zijn afgezaagde bovenkant, en de treurwilg en zijn lange slierten van bladeren die tot op de grond of in het water hangen.
Maar de beste manier om een wilg te herkennen, is kijken naar de bladeren. Die zijn lancetvormig, oftewel puntig, en aan de zijkanten zitten fijne karteltjes. Ze groeien in een soort spiraalvorm, verspreid rond de takken,

6 – Es

Essen (Fraxinus excelsior) zijn grote en snelgroeiende loofbomen. Ze worden vaak aangeplant in woonwijken en parken, omdat ze snel groeien, tot wel 60 centimeter per jaar. Een es kan een hoogte bereiken van ongeveer 40 meter.

Hoe herken je een es?
Een es heeft puntige, veervormige bladeren, die twee aan twee groeien aan olijfgroene twijgjes die uit de takken komen. Maar het meest opvallend zijn de donkere knoppen aan de takken. Dit zijn zogenoemde knopschubben, waaruit later nieuwe stengels groeien. In het filmpje hieronder worden de bladeren en de knoppen getoond.

7 – Populier

Door Rasbak – Eigen werk, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=349234

Populieren (Populus zijn slanke en hoge bomen die veel voorkomen in Nederlandse bossen. Al vanaf de middeleeuwen werd deze boomsoort in grote getale aangeplant, omdat populieren relatief snel groeien. Sommige soorten groeien wel drie meter per jaar.

Het hout van deze bomen werd vroeger gebruikt voor de productie van klompen, maar ook om verfpanelen van te maken. Zo is de Mona Lisa geschilderd op een paneel van populierenhout.

Hoe herken je een populier?
Populieren herken je aan de ruitvormige bladeren en lange bladstelen. Het bladerdak ruist door die lange stelen al bij het kleinste zuchtje wind. Aan die typische trillende bladeren kun je een populier het makkelijkst herkennen.

In dit filmpje zie je goed hoe populieren eruit zien:

8 – Iep

De iep (Ulmus) is een loofboom met gekartelde bladeren, die ongeveer dertig meter hoog kan worden. Iepen horen tot de oudste boomsoorten op aarde. Zelfs de Oude Grieken teelden deze boomsoort al om wijnranken te ondersteunen.

De bomen worden helaas vaak ziek door de zogenoemde iepenziekte, waarbij een schimmel de groei van nieuwe bladeren verstoort.

Hoe herken je een iep?
Je kunt de iep het beste herkennen aan het boomblad. De bladeren hebben bij de steel aan één kant een inkeping. Het lijkt bijna alsof iemand een hap heeft genomen uit de onderkant van het blad. In het onderstaande filmpje kun je dat goed zien.

9 – Linde

Door Toubib op de Nederlandstalige Wikipedia, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=1855745

De linde is een markant geslacht van bomen dat al eeuwen als markeringspunt wordt geplant op Nederlandse pleinen en langs lanen. Deze bomen kunnen vele honderden jaren oud worden. Achter het gemeentehuis in Oisterwijk staat bijvoorbeeld de ‘duizendjarige Marialinde‘.

Hoe herken je een linde?
Een linde heeft hartvormige bladeren met een puntige top. Verder is deze boomsoort te herkennen aan de dieprode knoppen waaruit jonge twijgjes groeien. In het filmpje hieronder kun je de boombladeren en de stam in detail bekijken.

Heb je zelf veel kennis over bomen en zie je een foutje? Laat dat vooral weten in de comments. Overigens bleek de boom op mijn oude schoolplein ook een linde te zijn.

Lees ook:
– Dit zijn de oudste bomen van Nederland
– Hoeveel boomsoorten zijn er op aarde?
– Waarom de oudste boom ter wereld magische wortels heeft

Oogcontact zoeken? Met deze tips wordt het minder ongemakkelijk

O
oogcontact

Oogcontact is spannend en soms ongemakkelijk. Want hoe lang kun je iemand in de ogen kijken zonder dat het ‘raar’ wordt? En moet jij het oogcontact beginnen of juist niet?

Gek genoeg hebben wetenschappers onderzoek gedaan naar dat soort vragen. In dit artikel krijg je vijf tips voor minder ongemakkelijk oogcontact.  En je komt erachter hoe lang ‘normaal’ oogcontact duurt.

oogcontact

De Amerikaanse Psycholoog Art Aron en zijn vrouw Elaine Spaulding lieten in 1997 tientallen mannen en vrouwen kennis maken voor een wetenschappelijk experiment. De gelegenheidskoppels moesten elkaar eerst een aantal persoonlijke vragen stellen. Vervolgens kregen ze de opdracht om vier minuten lang in elkaars ogen te kijken, zonder een woord te zeggen. 

Het resultaat was verbluffend. Na afloop verklaarden bijna alle koppels dat ze zich tot elkaar voelden aangetrokken. Eén van de stellen trouwde een jaar later zelfs.

Nu is het waarschijnlijk geen goed idee om de eerste de beste persoon die je in de supermarkt tegenkomt twee minuten lang zwijgend in de ogen te staren.  Maar er zijn meer  experimenten die erop wijzen dat je veel kunt bereiken met oogcontact, mits je het op de juiste manier inzet en de situatie zich ervoor leent.

1 – Neem initiatief

Afwachten totdat de ander oogcontact met jou zoekt, is niet alleen een beetje slap, maar ook onvoordelig. Zelf het initiatief nemen, doet wonderen voor de eerste indruk die je maakt. Een onderzoek van de universiteit in Aberdeen wijst uit dat vrouwen en mannen iemand die nadrukkelijk oogcontact met hen zoekt, onmiddellijk als ‘interessanter’ en  ‘leuker’ beoordelen dan andere personen. 

Ook hersenonderzoek ondersteunt die conclusie.  De Britse wetenschapper Chris Frith zette honderden mensen voor verschillende foto’s van gezichten die naar hen staarden. Vervolgens maakte hij hersenscans van de proefpersonen. Wat bleek?  Op alle scans waren hersengebieden actief die normaal gesproken dopamine produceren wanneer we beloond worden voor iets. Oftewel: de meeste mensen zien oogcontact als een soort cadeautje.    

De Nederlandse onderzoeker Ischa van Straaten kent dat fenomeen. “Je kunt het vergelijken met andere sociale situaties. Als jij via via hoort dat iemand uit je directe omgeving je leuk vindt, dan ga je haar waarschijnlijk op een andere manier bekijken – als potentiële liefdespartner.”

Zo gaat dat ook bij oogcontact. Als iemand naar je kijkt, maakt dat je nieuwsgierig.  “En de meeste mensen voelen zich natuurlijk ook gewoon gestreeld als iemand anders interesse in hen toont. Toch is het wel zo dat veel oogcontact tussen mannen en vrouwen ontstaat, omdat de vrouw eerst een klein signaal geeft met haar lichaamstaal, zoals een snelle blik of een hand die door het haar gaat.  Mannen denken dan dat zij het contact initiëren, maar dat is niet zo.‘ 

2 – Niet gluren, wel glimlachen

Hoe je iemand aankijkt, is bepalend voor de afloop van het oogcontact. Psychologe Claire Conway liet honderden studentes foto’s bekijken van mannen. Soms keken de gefotografeerden vanuit hun ooghoeken naar de camera (dus naar de vrouwen),  op andere foto’s staarden ze recht in de lens. 

Hoewel het verschil tussen die foto’s soms maar heel klein was, werden alle mannen aantrekkelijker gevonden als ze recht vooruit keken. Iemand vanuit je ooghoeken bekijken en hopen op oogcontact is dus geen goed idee.

3 – Gebruik je wenkbrauwen bij oogcontact

Ook met je wenkbrauwen kun je het succes van die eerste uitdagende blik vergroten. Als je een bekende tegenkomt, doe je het waarschijnlijk al onbewust: je wenkbrauwen een tiende van een seconde omhoog trekken als teken dat je hem of haar kent. 

Volgens sommige deskundigen kun je die zogenaamde ‘eyebrow-flash’ voor bekenden ook stiekem inzetten als je een onbekende schone tegen het lijf loopt op  een feest.  Sociaal psycholoog Kate Fox van Het Social Issues Research Centre in Londen schrijft erover in dit onderzoek naar flirtgedrag.

‘Wanneer je razendsnel je wenkbrauwen optrekt, kan de ander onbewust het gevoel krijgen dat je een vriend of kennis moet zijn’, aldus Fox. ‘Als je diegene vervolgens aanspreekt, hij of zij zich daardoor waarschijnlijk af wie je bent. En als je een ervaren flirter bent, kun je van die verwarring gebruik maken.’ 

4 –  Overdrijf niet

Je kunt natuurlijk ook iets té enthousiast oogcontact maken.  Zeker wanneer je eenmaal een gesprek begint, is het wel zo slim om af en toe weg te kijken.  De meeste mensen wenden hun blik bijna automatisch af als ze zelf aan het woord zijn, omdat het bekijken en interpreteren van een gezicht veel hersencapaciteit kost. Zo bleek uit een experiment aan de universiteit van Stirling (Engeland) dat proefpersonen die continu oogcontact moeten houden met een gesprekspartner minder accuraat antwoorden kunnen geven op simpele vragen. 

‘Als je interesse wilt tonen terwijl iemand spreekt, kijk je normaal gesproken ongeveer driekwart van de tijd naar haar gezicht’, schrijft sociaal onderzoekster Kate Fox van het SIRC in haar onderzoek. ‘Degene die aan het woord is, kijkt maar ongeveer de helft van de tijd naar de ander. En direct oogcontact duurt tijdens een normaal gesprek maar zelden langer dan een seconde.”

Sterker nog: wetenschappers hebben onlangs uitgezocht dat ‘normaal’ oogcontact ongeveer een halve seconde duurt. Kijk je iemand langer dan 3,3 seconden aan, dan vinden de meeste mensen dat raar.

5 – Gebruik oogcontact in je relatie

Oogcontact is niet alleen een middel om het ijs te breken met onbekende vrouwen. Ook na een jarenlange relatie heb je er baat bij om je geliefde regelmatig in de ogen te kijken.  Dat toont een beroemd onderzoek van de Amerikaanse psycholoog Zick Rubin aan.

Hij liet een groot aantal koppels die al enkele jaren bij elkaar waren, een vragenlijst invullen waaruit hij kon opmaken hoe intens, spannend en liefdevol hun relatie was. Rubin gaf op basis van de vragenlijst elk koppel een cijfer voor hun relatie.  Daarna stuurde hij de stellen door naar een andere kamer waar camera’s hun ogen in de gaten hielden.

Volgens Rubin was duidelijk te zien dat de stellen die nog het meest verliefd waren, veel vaker oogcontact maakten dan koppels die minder hoog scoorden in zijn liefdestest. Zij leken letterlijk op elkaar uitgekeken…   

Lees ook:
– Hoeveel hersencellen heeft een mens?
– Hoeveel botten heeft een mens eigenlijk?

Waaruit bestaat menselijke ontlasting? Spoiler: er zitten vitamines in

W

Waaruit bestaat je ontlasting eigenlijk? Die vraag beantwoordde ik ooit toen ik meewerkte aan een special met lezersvragen voor het tijdschrift Quest. En dat leidde tot een nog veel gekkere vraag: zou poep eten gezond kunnen zijn?

Poep is in veel gevallen een behoorlijk energierijk hapje. Konijnen en hamsters eten om die reden hun eigen uitwerpselen zelfs weer op. Ze werken ‘s middags de keutels naar binnen die ze ‘s ochtends hebben uitgepoept.

In hun poep zitten nog veel onverteerde resten die calorieën en vitaminen bevatten. Hun spijsverteringssysteem kan de eerste keer niet alles verbranden, daarom sturen de dieren hun voedsel er twee keer doorheen. 

Bij mensen is ‘hergebruik’ van ontlasting gelukkig niet nodig. Ons spijsverteringssysteem werkt zo efficiënt dat het overgrote deel van ons eten in één keer verteren. Welke reis leg het voedsel af door je maag en darmen? Hoe ontstaat je poep? Hoeveel calorieën zitten erin? En hoe gezond of ongezond zou het zijn om poep te eten?

Waaruit bestaat je ontlasting?

De vertering van het voedsel dat we eten, begint al als we een eerste hap nemen. Enzymen in ons speeksel onttrekken de eerste voedingsstoffen uit ons eten als het nog in onze mond zit, glucose bijvoorbeeld.

Eenmaal in de maag malen samentrekkende spieren al het voedsel in stukjes van ongeveer een millimeter. Ook wordt het vloeibaar gemaakt met maagsappen, zodat het gemakkelijk door onze darmen kan stromen. Daar vindt het belangrijkste deel van de spijsvertering plaats. 

In de vijf tot zes meter lange dunne darm vloeit het eten langs talloze minuscule vingervormige uitsteeksels (darmvlokken) die die specifieke voedingsstoffen opnemen. Sommige darmvlokken pikken vooral eiwitten op, anderen richten zich op vitamines, glucose of koolhydraten. De onverteerbare resten worden doorgestuurd naar de dikke darm, waar een groot deel wordt afgebroken door bacteriën. Alles wat daarna nog overblijft, verlaat het lichaam in de vorm van poep.  

Hoeveel calorieën zitten er nog in je poep?

Hoe veel voedselresten (en dus calorieën) er nog in je ontlasting zitten, hangt af van je dieet. “Als je veel goed verteerbaar voedsel eet, zoals brood, vlees en melkproducten, dan neemt je lichaam tot wel 95 procent van alle energie uit het voedsel op”, zegt voedingsdeskundige Wouter Hendriks van de Universiteit Wageningen.

Met groente en fruit hebben onze darmen meer moeite. Daar zitten pitten, vliesjes en ruwe vezels in die ons lichaam niet kan afbreken. Maar het belangrijkste probleem zijn de cellen van plantaardig voedsel. 

“Planten hebben harde celwanden, dat kan ons verteringssysteem niet goed aan. Het is niet voor niets dat een koe vier magen heeft en moet herkauwen om gras goed te verteren”, zegt Hendriks.

Aangezien de meeste mensen een gemengd dieet (groente, fruit, vlees en brood) volgen, verteren we volgens Hendriks gemiddeld 85 procent van ons eten. Per dag verorberen we ongeveer 2000 – 2500 (kilo)calorieën, 15 procent van dat aantal vinden we dus terug in onze ontlasting.

Vitamines in je drol

Maar hoe veel is dat per drol? De gemiddelde grote boodschap weegt ongeveer 300 gram. “Daarvan bestaat ongeveer 70 procent uit water”, zegt Hendriks. De overige 90 gram is droge stof: een combinatie van vezels, onverteerd voedsel en veel microbiële massa, oftewel de voedselresten die zijn afgebroken door bacteriën in de dikke darm. 

“In totaal bevat de droge stof ongeveer 4.5 tot 5.5 kilocalorieën per gram, oftewel ongeveer 450 kilocalorieën per drol”, zegt Hendriks.   

Naast calorieën zitten er in ontlasting ook vitamines die worden geproduceerd door de bacteriën in de dikke darm. “Vooral vitamine K. Dat is ook een van de redenen waarom veel dieren profiteren van het eten van hun ontlasting”, aldus Hendriks.

Kun je je eigen poep eten?

Je zou bijna zeggen dat het zonde is dat we die overgebleven voedingsstoffen en vitamines door het toilet te spoelen. Vooral in de microbiële massa zitten nog veel voedingsstoffen, die door de wisselwerking met de bacteriën ook goed verteerbaar zouden zijn.

Maar volgens Hendriks is het maar goed dat mensen er niet dezelfde gewoontes op nahouden als hamsters en konijnen. “De gedachte alleen al is natuurlijk ontsmakelijk, daarnaast kunnen er schadelijke bacteriën in je ontlasting zitten, zoals e-coli”, waarschuwt hij.  

In China werd menselijke ontlasting tot voor kort wel als voedsel gebruikt. Niet voor mensen, maar voor varkens. In sommige delen van het land vind je nog steeds ‘varkenstoiletten’. Deze wc’s voor mensen bestaan uit een groot gat dat uitkomt op hok waar varkens in worden gehouden. Inmiddels heeft de regering het gebruik van deze toiletten verboden, omdat een gevaar oplevert voor de volksgezondheid. De varkens die zich tegoed doen aan de ontlasting, worden namelijk uiteindelijk geslacht en opgegeten… door mensen.

Lees ook:
– Hoeveel smaakpapillen heeft een mens?
– Hoeveel botten heeft een mens?
– Hoe ziet een hond zijn baas?

 

 

Linkshandig? Dit is de reden van jouw handvoorkeur

L

Linkshandigen zijn in de minderheid. Iets meer dan 10 procent van alle mensen gebruikt bij voorkeur de linkerhand. Maar onder topsporters ligt de verhouding heel anders. 

Wetenschappers hebben aangetoond dat er bovengemiddeld veel ‘lefties’ meedraaien in de wereldtop van zogenaamde duelsporten zoals boksen, basketbal, tennis, honkbal, hockey en schermen. 

Dat zegt iets over hoe linkshandigheid in de loop van de evolutie is ontstaan. Voor het tijdschrift Intermediair dook ik in de geschiedenis van deze bijzondere handvoorkeur.  

linkshandigen hebben voordeel

Hoewel slechts 10 procent van de mensheid links is, slaat of gooit ongeveer 20 procent van alle topatleten in sporten als tennis, boksen, basketbal en honkbal bij voorkeur met de linkerhand. Bij boksers ligt dat percentage zelfs op 25 procent.

En van de slagmannen in de hoogste divisie van de Amerikaanse honkbalcompetitie is meer dan de helft linkshandig, zo ontdekten de wetenschappers.

“De vaardigheden van sporters lijken iets te worden versterkt als ze linkshandig zijn”, zegt hoofdonderzoeker Mark Panaggio. “Met name als ze een rechtstreeks duel, met of zonder bal, moeten uitvechten met een tegenstander.”   

Die dominantie van linkshandigen in de duelsporten stelt de wetenschap voor nogal wat raadsels. Waarom blinken mensen met de minst voorkomende handvoorkeur zo uit? En als het bij fysieke confrontaties zo handig is om je linkerhand te gebruiken, waarom hebben rechtshandigen in de loop van de evolutie dan de overhand gekregen? 

Linkshandigheid als ziekte

“Vroeger werd linkshandigheid gezien als een pathologie, een soort ziekte”, zegt de Nederlandse gedragsbioloog Ton Groothuis. “Dat kwam vooral omdat linkshandigen in de minderheid waren, een uitzondering op de regel. Als je met je linkerhand schreef, probeerde de juf of meester dat te corrigeren.” 

(Lees ook: met deze werktuigen werden linkshandigen vroeger gecorrigeerd op school)

Dat linkshandigheid bepaalde voordelen met zich meebrengt, is volgens Groothuis op zich niet zo verrassend. “Als het alleen maar tegen hen zou werken, zouden linkshandigen wel zijn uitgestorven. Veel wetenschappers denken dat ze in bepaalde situaties in het voordeel zijn, juist omdát ze een minderheid vormen.”     

Waarom Linkshandig? Dit is De gevechtstheorie 

Een mogelijke verklaring is de zogenaamde ‘gevechtstheorie’, een hypothese die er vanuit gaat dat linkshandigen vooral bij lichamelijke duels met anderen profiteren van een verrassingseffect. 

“Of het nu gaat om tennissen, schermen of boksen, als een linkshandige sporter het opneemt tegen een rechtshandige, dan is dat voor hem gesneden koek”, zegt Mark Panaggio. “Een leftie speelt namelijk zijn hele leven al voornamelijk tegen rechtshandige concurrenten, omdat die nu eenmaal in de meerderheid zijn.” 

Voor zijn tegenstander geldt het omgekeerde volgens de wetenschapper. “Die heeft juist relatief weinig ervaring met spelen tegen linkshandigen, omdat ze minder vaak voorkomen. De linkshandige heeft daardoor al voordat het duel is begonnen een kleine voorsprong.” 

Dat linkshandigenvoordeeltje is in de bokswereld algemeen bekend. Sommige rechtshandige boksers meten zich zelfs een linkshandige gevechtshouding aan om de tegenstander in verwarring te brengen. Zo stond de meervoudig Amerikaans wereldkampioen Roy Jones in de jaren tachtig bekend om zijn verwoestende rechtse hoek.  Maar later in zijn carriere bokste hij ook delen van wedstrijden in de linkshandige ‘Southpaw stance’ – met zijn rechtervoet en rechtervuist naar voren zodat hij zijn tegenstander met links kon verrassen.  

Linkshandig bij teamsporten

Bij teamsporten hebben linkshandigen volgens Groothuis helemaal een luxepositie. Ze profiteren niet alleen van een verrassingselement, maar hebben ook minder concurrentie van teamgenoten. “In de meeste hockey-, handbal of voetbalteams staan de spelers die van nature rechts zijn, niet te dringen om aan de linkerkant te spelen en de coach wil dat ook vaak niet. De linkshandigen strijden dus met minder mensen om een plek in het basisteam.”  

Maar atleten met een voorkeur voor hun linkerhand zitten niet bij elke sport in een zetel. De wetenschappers van Northwestern University stuitten bij hun analyse op één discipline waarbij rechtshandigen overduidelijk de dienst uitmaakten: golf. Bij de beste 100 spelers van de wereld zijn de linkshandigen op één hand te tellen: er zijn er vier. Die ondergeschikte rol op de golfbaan ondersteunt volgens Panaggio de gevechtstheorie: de lefties presteren in zijn ogen minder omdat ze op de green geen duels van man tot man kunnen uitvechten. 

“Linkshandigen profiteren in andere sporten vooral van rechtstreekse competitie, bij sporten als golf komt het vooral aan op de techniek die je hebt geleerd en op materiaal dat voor linkshandigen vaak moeilijker te vinden is. Tijdens een wedstrijd is er geen rechtstreekse confrontatie met je tegenstanders.” 

Waarom linkshandigen in de minderheid zijn 

Uitblinkers bij het boksen, maar buitenstaanders op de golfbaan. Het is volgens Panaggio een goede metafoor voor de ondergeschikte rol die linkshandige uiteindelijk in de evolutie speelde. Zo lang het op vechten aankwam, waren ze in het voordeel. Maar zodra een samenleving meer sociale trekjes ging vertonen, vielen ze buiten de boot.  

“Als de kracht van de linkshandige ligt bij man tegen man gevechten, dan betekent het dat hij minder succesvol is zodra er moet worden samengewerkt zoals bij een gezamenlijke jacht. Bij het hanteren van een werktuig is het niet praktisch als je met de andere hand werkt dan de rest van de groep. Als je goed zoekt, kun je nog wel een goede golfclub voor linkshandigen vinden, maar dat was anders bij een speer of pijl en boog in de oertijd.”     

Gedragsbioloog Ton Groothuis kent de theorie. “Het zou best kunnen dat linkshandigen moeite hadden om wapens als speren en boogen te hanteren”, zegt hij.

Daarnaast was het bij bepaalde taken zoals het vlechten van manden of het graven van knollen misschien wel moeilijker voor rechtshandigen om hun kennis over te dragen op linkshandigen. Het zou kunnen dat de lefties daardoor als een soort sociale outcasts werden behandeld, minder aantrekkelijk waren als seksuele partner en dus ook een kleine minderheid bleven.” 

Zijn linkshandigen geboren vechtersbazen?

Bewijs vinden voor een miljoenen jaren oud evolutionair proces is echter lastig. De Franse biologe Charlotte Faurie van de Universiteit van Montepellier bedacht enkele jaren geleden een methode. 

Als linkshandigen vooral baat hebben bij man tot man gevechten, dan zouden ze relatief veel moeten voorkomen in populaties waar dat soort confrontaties zonder moderne wapens nog aan de orde van de dag zijn, zo redeneerde ze. De onderzoekster besloot om acht traditionele stammen te bestuderen in Afrika en Zuid-Amerika. Ze vergeleek het moordcijfer van de stammen met het aantal linkshandigen. Haar vondsten – in 2004 gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Nature – lijken de gevechtstheorie te ondersteunen. 

Zo bleek bij de meest vredelievende stam die Faurie bezocht (de Jula uit Burkina Faso, 1 moord per 100.000 mensen) slechts 3,4 procent van de populatie linkshandig. Bij de meer gewelddadige Yanomami uit Venezuela (5 op de 1000 mensen komen er door geweld om het leven) liep het aantal linkshandigen op tot 22,6 procent van de bevolking. 

Zijn linkshandigen betere autorijders?

De hand-oog coördinatie van linkshandigen zou volgens sommige wetenschappers ook van invloed kunnen zijn. Het Franse Instituut voor Sport en Fysieke Educatie in Parijs wijdde in 2010 een studie aan de theorie, die is gestoeld op het feit dat de bewegingen van je linkerarm worden aangestuurd door je rechterhersenhelft. 

Dat gedeelte van het brein stuurt bij de meeste mensen ook hun ruimtelijk inzicht, waardoor linkshandigen mogelijk sneller kunnen reageren op wat hun ogen waarnemen dan rechtshandigen.  

De onderzoekers ontdekten inderdaad dat linkshandigen achter het stuur van een auto iets sneller reageerden op bepaalde verkeerssituaties. “Ook dit soort theorieën moeten beter worden onderzocht”, vindt Groothuis.   

Ben je zelf rechtshandig? Niet getreurd. Zelfs dan is het mogelijk om te profiteren van het linkshandigen-voordeel. De Spaanse tennisser Rafael Nadal is namelijk ook rechtshandig, maar hij tennist met links. Hoe zit dat? 

Hoe Rafael nadal linkshandig werd

Tot hij 10 jaar was, sloeg de Spanjaard alle ballen nog terug met een dubbelhandige greep, of ze nou op zijn forehand of op zijn backhand kwamen. Zijn oom en coach Toni Nadal besloot hem dat af te leren. 

Hij gaf zijn pupil de opdracht zijn forehands voortaan enkelhandig te slaan, met alleen zijn linkerhand aan het racket.  Hij ging ervan uit dat Rafael linkshandig was, omdat hij ook een voorkeur voor zijn linkerbeen had bij voetbal. 

Zijn neefje gehoorzaamde zonder mokken en wende al snel aan zijn nieuwe slag. Pas veel later viel het Toni op dat Rafael bij andere bezigheden zoals  schrijven, tandenpoetsen en golfen (een sport die hij ook speelde) zijn rechterhand gebruikte. 

“Het was niet al te slim, maar ik wist echt niet dat hij rechtshandig was”, zei Toni Nadal ooit op een persconferentie tijdens de Australian Open over de vijftien jaar oude vergissing. “Nu is Rafael alleen links op de tennisbaan. We zullen nooit weten hoe goed hij was geworden als hij ook met zijn voorkeurshand had leren slaan.” 

Hij was duidelijk niet bekend met het voordeel van linkshandigen. Zijn vergissing was achteraf gezien misschien wel een gouden greep. 

Lees ook:
Waarom je vroeger niet met links mocht schrijven
– Hoe lang kan een mens de adem inhouden?
– Wat wordt het wereldrecord op de marathon in de toekomst?

Waarom leerden linkshandigen vroeger met rechts schrijven?

W
linkshandigen leren schrijven met rechts

Zelf ben ik linkshandig. Mijn eerste woordjes schreef ik dus met een pen die ik vasthield met mijn linkerhand. Dat klinkt logisch, maar dat was het niet altijd.

Linkshandig schrijven was lange tijd geen optie op scholen. Leerlingen die een voorkeur hadden voor hun linkerhand werden gedwongen om hun pen met de rechterhand vast te pakken. Waarom deden leraren dat? En hoe ver ging de dwang?

Voor een artikel in het tijdschrift Quest sprak ik met Tijs van Ruiten, toen nog directeur van het Onderwijsmuseum in Den Haag. “De dwang om kinderen rechtshandig te laten schrijven ging ver”, zegt hij. “Heel ver zelfs.”

Waarom linkshandigheid werd afgestraft

Tot ver in de twintigste eeuw werden leerlingen regelmatig met een liniaal op hun hand geslagen als ze linkshandig schreven. Soms werd die hand zelfs op hun rug gebonden. “In Engelse boeken heb ik zelfs wel eens afbeeldingen gezien van schoolbanken met een speciale constructie waarin de linkerarm kon worden vastgezet”, vertelt Van Ruiten.

In Nederland bestonden er ook speciale werktuigen om linkshandigheid af te leren. Leerlingen kregen vaak de zogenoemde schrijfband van Noyons om, waarmee hun rechterhand in de juiste positie werd gebracht om te schrijven. In onderstaand filmpje zie je een demonstratie van dat schrijfwerktuig.

Linkshandigen maken Vegen in hun schrift

Pas na de Tweede Wereldoorlog werd linkshandigheid niet meer afgeleerd op school. De belangrijkste reden om kinderen rechtshandigheid aan te leren bij het schrijven, verdween toen.

“Linkshandigen gingen vaak met hun hand over de inkt van hun pen heen en lieten daardoor vegen achter in hun schrift”, vertelt Van Ruiten. Door de uitvinding van de balpen in 1938 was dat probleem niet meer aan de orde. “Na de oorlog werd er steeds minder met kroontjespennen geschreven.”   

Maar ook de indeling van de klassen veranderde. “Vroeger was het verplicht de bankjes zo in het lokaal te plaatsen, dat de ramen aan de linkerkant van de leerlingen zaten”, weet Van Ruiten. “De lichtinval was dan beter voor rechtshandigen. Vandaar dat linkshandigen lange tijd werden gedwongen om ook rechtshandig te schrijven.

Inmiddels hebben schoollokalen ramen aan beide kanten. En er bestaan zelfs speciale vulpennen voor linkshandigen.

Lees ook:
Dit zijn de meest zeldzame postzegels ter wereld
Waarom zeggen we gezondheid als iemand niest?

Hoeveel smaakpapillen heeft een mens? En wanneer ben je een superproever?

H
smaakpapillen-foto

In de mond van de meeste volwassen mensen zitten ongeveer 250 smaakpapillen. Dat zijn zenuwuiteinden die ervoor zorgen dat je de smaken van verschillende soorten voedsel proeft. 

Op die smaakpapillen zitten weer 2.000 tot 10.000 smaakreceptoren, waarmee je specifieke smaken waarneemt.

Hoeveel smaakpapillen en receptoren je precies hebt, hangt af je leeftijd. Maar het heeft ook te maken met genetische aanleg. Niet ieder mens proeft namelijk even goed.

Volgens wetenschappers bestaat een klein deel van bevolking uit zogenaamde supertasters, oftewel ‘supertasters’. Hoe weet je of jij zo’n superproever bent? En wat zegt dat over de werking van je smaakpapillen? 

Hoe werken je smaakpapillen? 

Je smaakpapillen zitten verspreid door je hele mond. Op je tong, je gehemelte, de binnenkant van je wangen en zelfs in je keel. De papillen zitten vol met zogenaamde smaakreceptoren. Dat zijn zenuwcellen met eiwitten die heel gevoelig zijn voor bepaalde smaakstoffen in voedsel en drank. 

Je kunt er vijf smaken mee onderscheiden: zoet, zuur, bitter, zout, en umami. Maar smaakreceptoren kunnen ook vet proeven. Sommige wetenschappers beschouwen dat als de zesde smaak.  

En hoe zit het dan met pittige smaken? Gek genoeg wordt die smaaksensatie veroorzaakt door pijnprikkels die je smaakpapillen registreren. Als je van pittig voedsel houdt, ben je die pijn gaan waarderen. 

Als je je tong uitsteekt, kun je je smaakpapillen ook zien. Het zijn kleine bultjes en oneffenheden. Achterop je tong en aan de zijkant zijn ze groter dan vooraan. Daar is je tong extra gevoeliger voor smaak. De smaakreceptoren zijn te klein om met het blote oog waar te nemen. 

In onderstaand filmpje wordt de werking van smaakpapillen simpel uitgelegd.

Waarom bestaan er superproevers?

Waarschijnlijk komt dat door bepaalde genen. Mensen die drager zijn van een specifiek gen met de naam T2R38 lijken gevoeliger te zijn voor smaken. Ook hebben ze meer smaakpapillen, vooral op hun tong. 

De Amerikaanse wetenschapper Linda Bartoshuk bedacht voor deze mensen de naam ‘supertasters’. In haar laboratorium stelde ze vast dat superproevers vooral bittere smaken veel intenser beleven dan anderen. 

En dat komt niet door hun opvoeding. Het is bijvoorbeeld niet zo dat deze mensen nooit geleerd hebben om bitter voedsel te eten en de smaak daarom minder waarderen. Hun smaakpapillen zijn simpelweg extreem gevoelig door hun genetische aanleg. 

Linda Bartoshuk zegt daarover in de Wall Street Journal: “Supertasters proeven alles intenser. Als je alles bij elkaar optelt, zou je kunnen zeggen dat ze de wereld van voedsel in felle neon-kleuren zien, in plaats van de pasteltinten die andere mensen zien.” 

Hoe weet je of een superproever bent? 

Superproevers zijn niet extreem zeldzaam. Ongeveer 25 procent van de mensheid komt in aanmerking voor deze titel. Opvallend genoeg zijn het vaker vrouwen dan mannen. Het is niet bekend waardoor dat komt. 

De meest eenvoudige manier om erachter te komen of je een superproever bent, is je eetgedrag analyseren. Supertasters zijn meestal kieskeurige eters. Ze hebben vaak vooral een hekel aan voedsel en drank met een bittere smaak, zoals broccoli, spinazie, koffie, bier en donkere chocolade, zo blijkt uit onderzoek.

Maar er zijn ook dingen die superproevers juist graag eten. Zo consumeren ze over het algemeen meer zout voedsel. Waarschijnlijk worden hun smaakpapillen zo sterk geprikkeld door deze smaak dat er een milde verslaving kan optreden. 

Wetenschappers gebruiken een speciale test om te bepalen of mensen de titel superproever ‘verdienen’. Ze laten mensen proeven van de bittere stof 6-n-propylthiouracil (PROP). Supertasters reageren veel sterker op die stof dan andere mensen. 

In onderstaand filmpje zie je een test waarmee je zelf kunt bepalen of je een superproever bent.

de voordelen van gevoelige smaakpapillen 

Het heeft ook voordelen om superproever te zijn. Als je extreem gevoelige smaakpapillen hebt, vind je vettig voedsel vaak minder lekker. Daardoor hebben supertasters minder kans op overgewicht. Ook hebben ze minder vaak een hoog cholesterolgehalte.

Er zijn zelfs aanwijzingen dat hun sterke smaakpapillen helpen bij het voorkomen van bacteriële infecties. Verder blijkt uit wetenschappelijk onderzoek dat superproevers relatief vaak werkzaam zijn als chefkok of wijnexpert. 

Waarom je smaak verandert als je ouder wordt 

Je smaakpapillen blijven helaas niet je hele leven even goed werken. Het aantal smaakpapillen neemt namelijk langzaam af als je ouder wordt. Als baby wordt je geboren met duizenden smaakpapillen. maar dat aantal neemt snel af. Als je dertig jaar bent, heb je gemiddeld nog maar ongeveer 250 smaakpapillen over.

Dat is ook de reden waarom volwassenen vaak meer smaken lekker vinden dan kinderen. Je proeft minder naarmate je ouder wordt. Daardoor kun je steeds meer smaken waarderen. Spruitjes proeven opeens niet meer te bitter, en ook de sterke smaak van broccoli heeft opeens zijn charme.  

De smaakreceptoren die op je smaakpapillen groeien, gebruik je trouwens steeds maar kort. Ze verdwijnen na ongeveer 10 dagen, en worden vervangen door nieuw aangegroeide smaakreceptoren

Na je veertigste gaat het vernieuwen van deze cellen echter steeds langzamer. Dat is de reden waarom mensen op latere leeftijd vaak last hebben van smaakverlies en minder goed gaan eten. 

smaakpapillen bij dieren

Overigens zijn mensen één van de weinige ‘dieren’ die zo veel verschillende smaken kunnen proeven. Een hond kan bijvoorbeeld geen zout proeven. En katten hebben op hun smaakpapillen geen smaakreceptoren voor zoete smaken. 

Toch zijn er ook grote fijnproevers in het dierenrijk. Koeien hebben 250.000 smaakreceptoren op hun smaakpapillen, veel meer dan mensen. De dieren hebben die smaakgevoeligheid in de loop van de evolutie waarschijnlijk ontwikkeld, omdat ze in het wildeweg planten eten. Als er per ongeluk een giftige plant in hun mond belandt, proeven koeien dat meteen door hun sterk ontwikkelde smaak. 

Niet mensen maar koeien zijn dus de échte superproevers. 

ik mis mijn voortand – maar Hoeveel tanden heeft een ‘normaal’ mens?

i
hoeveel-tanden-foto

Ik mis sinds kort een voortand. En dat voelt gek. Je draagt tanden namelijk je hele leven bij je. Als je in de baarmoeder zit, groeien er al 52 tanden en kiezen in je mond, diep onder je tandvlees. Maar wanneer vormen ze een gebit?

  • Zeven maanden na je geboorte beginnen je eerste melktanden door te komen. Dat melkgebit bestaat uit 20 tanden en kiezen. 
  • Als je 13 jaar bent, heb je al je tanden ‘gewisseld’. Je volwassen gebit bestaat dus uit 28 tanden en kiezen.
  • Toch is het dan nog niet helemaal ‘af’. Je verstandskiezen breken door tussen 17e en je 22e. In totaal heeft een volwassene dus 32 tanden en kiezen.  

Maar welke van die tanden gebruik je het meeste? En hoe erg is het als je een tand verliest door een ongelukje? 

De antwoorden lees je in dit artikel over de wetenschap achter ons gebit. En ik vertel je hoe ik op achtjarige leeftijd mijn voortand verloor.

hoe belangrijk is een voortand?

Toen ik mijn voortand kwijtraakte, was ik tien jaar. Ik fietste terug van een tennisles, samen met een vriend. Hij slingerde een beetje, daardoor kwam zijn stuur tegen mijn stuur. Mijn fiets raakte uit balans en ik viel met mijn gezicht op de grond. Toen ik opkrabbelde, zag ik bloed op het asfalt en een stukje verderop lag mijn voortand.

Een gebit zonder voortand ziet er niet alleen raar uit. Je voortanden zijn ook nogal belangrijk als je iets eet. Voortanden horen bij je snijtanden. Deze tanden zijn in de loop van de evolutie bij vrijwel alle zoogdieren ontstaan om voedsel in stukjes te snijden tijdens het kauwen.  

Welke soorten tanden heb je allemaal? 

In totaal hebben mensen drie soorten tanden. Hieronder zet ik ze op een rijtje.

  • Snijtanden
  • Hoektanden 
  • Kiezen

Eerst even over die snijtanden, of met een moeilijk woord incisieven. Ieder mens heeft er acht. Het gaat om je twee voortanden, boven en onder. Maar ook de de twee tanden die daar aan weerszijden naast zitten, boven en onder. De snijtanden gebruik je om tijdens het kauwen je voedsel in stukjes te snijden. 

Je hoektanden (ze worden ook wel cuspidaten genoemd) hebben een andere functie. Je hebt er maar vier en ze zitten in de vier hoeken van je gebit, pal naast je snijtanden. Deze tanden helpen je om grip te krijgen op het voedsel waarop je kauwt. Bij roofdieren hebben hoektanden een meer gewelddadige functie. Zij gebruiken hoektanden om hun prooien aan te vallen en in stukken te scheuren. 

De rest van je tanden zijn kiezen, of met een moeilijk woord molaren. Ze zijn groter en zitten achter in je mond. Je gebruikt ze om voedsel mee te pletten en te vermalen. Hoe dieper ze in je mond zitten, hoe groter je kiezen zijn. Na je hoektanden komen eerst de zogenoemde premolaren. Dat zijn relatief kleine kiezen. Daarachter zitten de molaren, of echte kiezen. Daar weer achter zitten je verstandskiezen. Dat zijn je allergrootste kiezen.  

Hoe liep het af met mijn voortand? 

Zelf was ik volledig in paniek na de val waarbij mijn voortand afbrak. Ik was acht jaar, en dacht: moet ik nu mijn hele leven zonder voortand? 

Mijn vriend hielp me overeind en stopte de tand in zijn broekzak. Slim, zo bleek achteraf. Want het lukte de tandarts om de voortand weer terug in mijn mond te zetten. Daar heeft ‘ie het nog dertig jaar uitgehouden. Totdat het deze zomer mis ging.

De teruggeplaatste voortand zat zo los dat er volgen mijn tandarts maar één ding opzat. Hij moest ‘m trekken.

Opmerkelijk: je tanden onthouden belangrijke gebeurtenissen

Het is niet zo gek dat mijn teruggeplaatste voortand het uiteindelijk begaf. Door de val stierf de tand heel langzaam af. Maar gek genoeg dragen ook andere tanden en kiezen de sporen van belangrijke gebeurtenissen in je leven. 

Dat blijkt uit een studie waarbij wetenschappers het gebit van 15 overleden personen tussen de 25 en 69 jaar analyseerden. Ze vergeleken de staat van hun tanden met hun medische en persoonlijke geschiedenis. 

Wat bleek? Ze konden aan de tanden van de overleden mensen zien wanneer ze kinderen hadden gekregen, maar ook wanneer ze ziek waren geweest, of bijvoorbeeld in de gevangenis hadden gezeten. De impact van die gebeurtenissen was te zien in de verschillende weefsellagen van hun tanden. 

De onderzoekers vergelijken deze lagen met de jaarringen van een oude boom. Daaraan kun je zien hoe oud een boom is, en of de stam heftige gebeurtenissen heeft meegemaakt, zoals grote temperatuurdalingen. 

Hoe moet ik verder zonder voortand? 

Natuurlijk loop ik op dit moment niet zonder voortand rond. De tandarts heeft ‘m weliswaar getrokken. Maar op de plek van de voortand zit nu een plaatje. Dat is een soort kunstgebit van één tand dat ik zo in het gat kan klikken. 

Uiteindelijk wordt er een implantaat geplaatst, een kunsttand dus. Binnenkort heb ik dus weer gewoon 28 tanden en kiezen. Alleen zit er één neptand tussen. 

Lees ook:
– Hoeveel botten heeft een mens?
– Hoeveel hersencellen heeft een mens?

Deze zeekabels houden het internet in stand

D

Als we over het internet praten, hebben het vaak over ‘the cloud’. Maar de meeste informatie die je online opvraagt, wordt verstuurd via lange zeekabels op de bodem van de oceanen. 

Waar lopen de belangrijkste zeekabels voor ons internet. Hoe lang zijn ze? Hoe snel? En hoe kwetsbaar voor bijvoorbeeld aanslagen of oorlogsterreur? 

De eerste zeekabel 

De eerste Trans-Atlantische zeekabel, werd halverwege de negentiende eeuw aangelegd, toen nog om informatie te versturen voor een telegraafverbinding. Deze kabel bestond uit koperdraden die in een omhulsel van hennep en Indische rubber waren gewikkeld. De uitvinders van deze techniek zijn de Britse uitvinders William Fothergill Cooke en Charles Wheatstone.  

Queen Victoria van het Verenigd Koninkrijk nam de Trans-Atlantische kabel in gebruik op 7 augustus 1858. Ze verstuurde met de telegraaf een boodschap naar de Amerikaanse president James Buchanan. Het duurde zestien uur voordat het bericht van 98 woorden Amerika bereikte. 

Hoe snel reist informatie op internet?

Inmiddels wordt er op internet dagelijks een onvoorstelbare hoeveelheid informatie verstuurd over de bodem van de oceanen, via een groot netwerk van zeekabels. In 2022 lagen er 483 internetkabels op de zeebodem, maar dat aantal groeit snel. Op dit kaartje kun je precies zien waar de zeekabels lopen.

De meest geavanceerde kabels kunnen per seconde ongeveer 20 terabit versturen, dat zijn bijna 5 miljoen HD-films terwijl je met je vingers knipt. 

De langste zeekabels 

De langste zeekabel voor internetverbindingen is nu nog de 39.000 kilometer lange SEA-ME-WE3. Dat lijkt een nogal cryptische naam. Maar het is simpelweg een afkorting voor de regio’s waar de kabel doorheen loopt: Zuid-Oost-Azië, Midden-Oosten en West-Europa.

Nog langer?

Om precies te zijn loopt de kabel vanuit Perth in Australië langs de kust van onder meer Zuid-Korea, China, Japan, India, Oman, Saoedi-Arabië, Egypte, Marokko, Cyprus, Portugal, en Frankrijk naar Duitsland, waar de kabel in de plaats Norden aan land komt. 

Maar binnenkort krijgt de SEA-ME-WE3-kabel concurrentie uit Afrika. Daar wordt namelijk een nog langere zeekabel aangelegd, die binnen twee jaar volledig rondom het continent moet liggen. 

In totaal overbrugt de 2Africa-verbinding straks een afstand van 45.000 kilometer. Daarmee wordt deze zeekabel vanaf 2024 de langste ter wereld. 

Eén van de belangrijkste zeekabels voor Nederland is TAT-14, een onderzeese verbinding van 15.000 kilometer tussen Europa en de Verenigde Staten. De kabel loopt van Tuckerton en Manasquan in de Amerikaanse staat New Yersey naar Denemarken en Nederland. In Katwijk komt TAT-14 aan land. 

Waar zijn moderne zeekabels van gemaakt? 

De internetkabels die informatie versturen over de zeebodem zijn niet zo dik als je zou denken: ongeveer 5 tot 15 centimeter, ongeveer even dik als je tuinslang. Ze worden uitgerold door speciale schepen die ongeveer 4.000 kilo aan kabels per keer kunnen vervoeren. 

Het binnenste van de zeekabels bestaat uit glasvezel, dat is het materiaal waardoor informatie wordt verstuurd. Daaromheen zit een gel van aardolie om de kabel soepel te houden. De buitenste beschermingslaag is opgebouwd polyester, plastic, aluminium en staal. 

Hoe kwetsbaar zijn zeekabels? 

Op 19 december 2008 bleek hoe kwetsbaar de internetverbindingen op de oceaanbodem zijn. Drie belangrijke kabels in de Middellandse Zee braken op die dag

Er kwam een knik in de eerder genoemde langste zeekabel ter wereld (SEA-ME-WE3) ter hoogte van Egypte. Maar ook de 18.000 kilometer lange SEA-ME-WE4 die van Marseille naar Singapore loopt, raakte beschadigd in de de Middellandse Zee. De derde beschadigde verbinding was FLAG, een 18.000 kilometer lange verbinding die vanuit Engeland naar Japan loopt. 

Volgens de bedrijven die de kabels hebben gelegd, was de schade te wijten aan extreem slechte weersomstandigheden of de anker van een schip. Door de storing was het internet slecht bereikbaar rond de Middellandse zee. In Egypte nam de capaciteit van breedbandverbindingen zelfs met 70 tot 80 procent af. 

Doordat telecombedrijven het internetverkeer kunnen omleiden via andere kabels zijn dit soort problemen meestal echter snel verholpen.

Hoe vaak breken kabels? 

Sommige mensen vermoedden dat de kabels  in 2008 met opzet zijn doorgesneden, maar het lijkt aannemelijker dat het toeval was. Gemiddeld breekt er elke drie dagen wel ergens een kabel in zee, meestal vanwege wrijving tegen rotsen, zo stelt expert Stephen Beckert in dit artikel.

Wereldwijd tientallen zijn er tientallen schepen actief die niets anders doen dan zeekabels reparen 

Toch is het niet onmogelijk dat zeekabels worden doorgesneden. Zowel het Russische leger als het Amerikaanse leger beschikken over onderzeeërs die glasvezelkabels zouden kunnen doorknippen. 

Hoe worden zeekabels gerepareerd? 

Aan het opvissen van een kabel komen geen mensenhanden te pas. Als een zeekabel beschadigd raakt, zoekt een telecombedrijf eerst uit waar de breuk precies zit door er een lichtsignaal doorheen te sturen. Vanaf hun computers kunnen ze precies zien waar het licht stopt en waar dus de breuk zit.  

Vervolgens wordt er een schip naar deze plek gestuurd. Eenmaal aangekomen op hun bestemming laten de bemanningsleden een op afstand bestuurbaar robotvoertuig te water. Aan dit voertuig zitten armen en grijpers die de kabel omhoog halen. Aan boord van het schip doen monteurs vervolgens het reparatiewerk. 

In dit artikel in Wired vertelt de kapitein van een schip dat het reparatieproces eigenlijk heel ouderwets is en waarschijnlijk niet zal veranderen. Vaak vervangen de monteurs het gebroken deel van de kabel gewoon door een nieuw stukje. In het filmpje hieronder kun je precies zien hoe het in zijn werk gaat. 

Nuttige en nutteloze feitjes

Even voorstellen: Dennis Rijnvis

Als ik een stripheld zou zijn, zou ik er waarschijnlijk uitzien als op deze tekening. Mijn naam is Dennis Rijnvis. Ik ben schrijver, blogger en schreef als wetenschapsjournalist voor Quest en De Volkskrant. Op deze website deel ik inzichten over wetenschap, geschiedenis en zelfontwikkeling.

Op mijn andere blog Schrijfvis, geef ik schrijftips en advies voor storytelling.

Recente berichten

Recente reacties

Archieven

Categorieën

Meta