Weetjes van een wetenschapsjournalist
Auteur

Dennis Rijnvis

Schrijver en wetenschapsjournalist
D

Waarom twee minuten tandenpoetsen eigenlijk niet genoeg is

W
tanden poetsen in twee minuten voor het ontbijt

Hoe lang moet je je tanden poetsen? Gezien het aantal vullingen in mijn gebit (en ik mis ook nog mijn voortand), ben ik de laatste van wie je advies over tandenpoetsen moet aannemen. Ik poetste vroeger nooit langer dan een minuut.

Als de tandarts zei dat ik langer moest poetsen dacht ik altijd: ja, maar het is jouw vak, jij bent er veel te veel op gefocust. Er zijn andere dingen belangrijker in het leven.

Dom, achteraf gezien. In dit artikeltje zet ik het wetenschappelijk advies op een rij waarmee jij je tanden wel goed onderhoudt. Waar komt dat advies van twee minuten tandenpoetsen precies vandaan? Klopt het wel? En hoe ontstaan gaatjes precies?

Twee minuten: eigenlijk te weinig

Het advies om twee minuten te poetsen klinkt willekeurig, en dat is het ook. De aanbevolen tijd is gebaseerd op wetenschappelijke studies uit de jaren negentig, waaruit blijkt dat tandplak pas na twee ‘poetsminuten’ begint te verdwijnen. 

Maar als je dieper in deze deze studie duikt (daarvoor moet je de complete tekst opvragen), zie je dat mensen meer tandplak verwijderen als ze drie minuten poetsen, of zelfs langer. Het is dus beter om twee minuten als minimum te beschouwen.

Als je kans ziet om drie of zelfs vier minuten je tanden te poetsen (voor het ontbijt is het beste) geef je je gebit een grondigere onderhoudsbeurt.

Gemiddeld poetsen mensen 45 seconden

De meeste mensen poetsen trouwens sowieso te kort. De gemiddelde poetstijd ligt op 45 seconden, zo blijkt uit dit Amerikaanse onderzoek. (al zijn Amerikanen misschien van nature nog iets vluchtiger dan Nederlanders ;-))

Als je van 45 seconden naar 2 minuten poetsen gaat, verwijder je daarmee 26 procent meer tandplak, zo blijkt uit hetzelfde onderzoek. Maar als je drie of vier minuten poetst, verwijder je nog meer.

Tandplak is trouwens de naam voor een schadelijk laagje op je tanden dat gedurende de dag ontstaat onder invloed van etensresten, slijm en bacteriën. Het verwijderen van dit laagje is het belangrijkste doel bij het poetsen van je tanden (al reinig je ook je tandvlees). 

Zo ontstaan gaatjes

Gaatjes ontstaan namelijk door tandplak. De bacteriën in het gelige laagje zetten suikers en koolhydraten uit je eten om in zuren. En die tasten het glazuur van je tanden aan. Als dat gebeurt, vormen zich langzaam gaatjes in je tanden en kiezen.

Aangezien tandplak dezelfde kleur heeft als je tanden, kun je met je blote oog niet zien of je al genoeg hebt gepoetst. Kortom: je tanden kunnen er wel schoon uitzien. Maar dat betekent niet dat ze ook goed gereinigd zijn. 

Tandenpoetsen in 10 seconden?

Denk niet dat je zelf wel kunt inschatten of je al drie minuten hebt gepoetst. De meeste mensen overschatten schromelijk hoe lang ze hun tanden schrobben, zo blijkt uit deze studie, soms wel met een halve minuut.

Gebruik dus altijd een tandenborstel met timer.  Tenzij je in over een paar jaar de futuristische tandenborstel uit het onderstaande filmpje kunt aanschaffen, dan ben je binnen 10 seconden klaar. Ik kan niet wachten.

Lees ook:
– Hoeveel tanden heeft een mens eigenlijk?

De eerste spoorlijn: Zo begon het Nederlandse treinverkeer

D
eerste treinreis


De eerste spoorverbinding van Nederland werd aangelegd tussen Amsterdam en Haarlem. In de zomer van 1839 vertrok op dit traject de eerste Nederlandse trein van de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij.

Zelf heb ik geen auto, ik doe alles met de trein. En daarom heeft de historie van dit voertuig mijn interesse.

Voor het blad Quest verdiepte ik me in de eerste spoorlijn van ons land. In het artikel hieronder krijg je een beeld hoe de eerste treinreizen verliepen.

Hoe De eerste trein ontspoorde

Onder begeleiding van een orkest stappen ongeveer 300 passagiers in twee treinen van tien rijtuigen. Het is 20 september 1839. De spoorlijn tussen Amsterdam en Haarlem wordt officieel in gebruik genomen.

Maar vlekkeloos verloopt de eerste treinreis niet. Al snel raakt één van de locomotieven los van de wagons. Dat zorgde voor enkele minuten oponthoud. Maar als de trein eenmaal goed op gang is, reageren de reizigers enthousiast op de snelheid van het voertuig. Binnen 25 minuten schiet het landschap tussen Amsterdam en Haarlem aan ze voorbij.

(Dit is trouwens de bekendste historische foto van een treinongeluk)

De wagons worden voortgetrokken door twee stoomlocomotieven die met 44 kilometer per uur over de rails raasden. In de negentiende eeuw was dat een ongekende snelheid. 

“Dot was nogal een vooruitgang”, aldus Jos Zijlstra, wijlen conservator van het Spoorwegmuseum. “De trekschuiten die tot dan toe werden gebruikt voor personenvervoer in de vaart die naast de rails lag, deden tweeënhalf uur over dezelfde reis.”

protest vooraf: zure melk?

Toch was er vooral veel protest tegen de aanleg van de eerste spoorlijn. Kritische burgers vreesden dat passagiers gevaar zouden lopen in de trein en misschien zelfs niet goed zouden kunnen ademhalen door de snelheid.

Boeren waren bang dat hun koeien van streek zou raken door de passerende treinen en daardoor zure melk zouden geven. Dat wordt toegelicht in onderstaand filmpje.

De stoomtrein werd daarom voorzichtig geïntroduceerd. Eerst werd alleen de lijn tussen Amsterdam en Haarlem aangelegd. Alleen als de spoorverbinding een succes zou worden, zou de rails worden doorgetrokken naar Rotterdam, zo besloot Koning Willem I.

De angst voor onveiligheid van de trein verdween al snel. De reizigers werden nauwlettend in de gaten gehouden. Niet alleen door een machinist, maar ook door 21 wegwachters die langs het traject stonden opgesteld. Bij een onveilige situatie zwaaiden ze met een rode vlag, ook inspecteerden ze rails.

Enkele reis voor 0,40 cent

De treinen die ze zagen passeren, zaten meestal stampvol. In de laatste vier maanden van 1839 stapten al 78.000 mensen op de trein. Het jaar daarna kochten 350.000 passagiers een kaartje. Voor de prijs hoefden ze het niet te laten. De tickets voor de goedkoopste wagons waren even duur als een reisje per trekschuit: 0,40 cent voor een enkeltje.

“De meeste passagiers behoorden desondanks tot de gegoede middenklasse”, zegt Jos Zijlstra van het Spoorwegmuseum. “Denk aan advocaten of artsen die voor zaken op pad moesten.”
Bedrijven begonnen ook zaken te doen via het spoor.

Gratis plekken voor armen

Herbergen in de hoofstad verstuurden hun net gewassen beddegoed bijvoorbeeld per trein naar blekerijen in Haarlem. “Blekerijen waren bedrijven die de lakens droogden en bleekten in de zon door het textiel uit te spreiden over weilanden”, aldus Zijlstra. “Ze kregen door de trein opeens veel meer klandizie.”

Ook de armen konden soms een treinreisje maken. Als er een plekje over was in één van de goederenwagons, lieten de conducteurs hen plaats nemen tussen het voedsel of de vochtige lakens in de goederenwagons.   

VAn Eerste trein tot Randstad

Door het succes groeide de spoorlijn snel. In 1840 gaf koning Willem I toestemming om het traject vanuit Haarlem door te trekken naar Rotterdam. De arbeiders die de spoorweg aanlegden bereikten in 1847 het station Delftsche Poort dat ten oosten van het huidige Rotterdam Centraal lag. 

Deze treinverbinding bracht de economie in het gebied tussen Rotterdam en Amsterdam flink op stoom. Goederen konden nu gemakkelijker en sneller worden vervoerd tussen de steden als Amsterdam, Haarlem, Leiden en Rotterdam”, aldus Zijlstra.

Maar ook mensen verplaatsten zich makkelijker. Voor de aanleg van de spoorlijn kwamen de meeste Nederlanders nauwelijks buiten hun eigen dorp. “Nu konden ze plotseling binnen een dag op en neer reizen naar familieleden.”

Bijna 900.000 mensen per jaar maakten vanaf 1847 gebruik van de lijn Amsterdam-Rotterdam. “De aanleg van de eerste spoorlijn van Nederland speelde mijn inziens een belangrijke rol bij de vorming van de Randstad”, aldus Zijlstra. “En later heeft de trein ook de rest van de Nederlanders dichter bij elkaar gebracht.”

Lees ook:
– Waarom je vroeger niet met je linkerhand mocht schrijven

Handleiding Lucide dromen: zo kun je vliegen in een droom

H

Ik ben al een tijdje gefascineerd door lucide dromen. Dat zijn dromen waarin je zelf de controle hebt: je kunt bijvoorbeeld besluiten om te gaan vliegen.

Nu praat ik alsof ik dat elke nacht doe. Maar dat is helaas niet zo. Als je lucide wilt dromen, moet je terwijl je slaapt beseffen dat je in dromenland bent. En dat is moeilijk, het kan alleen met speciale technieken en de juiste voorbereiding.

Hieronder lees je wat een lucide droom precies is en hoe je er zelf eentje kunt beleven. Kies hieronder wat je wilt weten over lucide dromen.

Lucide dromen: wat is het?

‘Doe eerst je ogen dicht. Spring daarna in de lucht en stel je voor dat je zweeft. Open je ogen en je zult zien dat je van de grond af komt. Als het toch niet lukt, kun je het op een dramatische manier proberen. Klim naar een hoge plek en spring naar beneden, een flat bijvoorbeeld. Spreid je armen terwijl je valt en prent jezelf in dat je weer omhoog gaat, dat je vliegt…’

Dit advies is niet bedoeld voor mensen die levensmoe zijn. Deze tekst komt uit een online handleiding voor mensen die ’s nachts experimenteren met een bijzondere vorm van bewustzijn: lucide dromen. Ze doen hun uiterste best om tijdens hun slaap te beseffen wanneer ze aan het dromen zijn. Als dat lukt, kunnen ze zelf de controle overnemen en de gebeurtenissen beïnvloeden.

Lucide dromers beweren dat ze er in hun dromen voor kunnen kiezen om door muren heen te lopen, filmsterren te ontmoeten, hun wildste seksuele fantasieën te beleven, of zelfs te vliegen. 

Kan het echt?

Toch deden wetenschappers het fenomeen lucide dromen tot ver in de jaren tachtig af als onzin. Een mens kon volgens de heersende wetenschappelijke opvatting in die tijd simpelweg niet bij bewustzijn zijn tijdens zijn slaap. 

Maar een bekende slaaponderzoeker bracht verandering in dat idee. Stephen LaBerge, onderzoeker aan de universiteit van Stanford, speelde zelf voor proefpersoon in een inventief experiment. Hij koppelde zich tijdens zijn slaap aan allerlei apparaten in de hoop te bewijzen dat hij lucide dromen beleefde.

Terwijl hij onder zeil was, probeerde hij vanuit zijn droomwereld te communiceren met zijn medeonderzoekers. ‘Het leek me heel simpel’, schrijft hij in zijn boek Lucid Dreaming (hier gratis te lezen). ‘Ik dacht: als ik in een lucide droom kan doen wat ik wil, waarom zou ik dan geen signaal kunnen geven om te bewijzen dat ik echt bij bewustzijn ben?

In het begin probeerde hij in zijn slaap een heel klein schakelaartje in te drukken dat hij in zijn hand hield. Maar dat lukte niet. “In mijn droom probeerde ik uit alle macht om mijn duim naar beneden te drukken, maar in werkelijkheid bewoog mijn duim helemaal niet.’    

Die miscommunicatie is niet onverklaarbaar. In de slaapfase waarin je droomt, is je lichaam namelijk grotendeels verlamd.

Bewijs door oogbewegingen

Maar sommige delen van je lichaam komen juist wel in actie tijdens je dromen. Je hersenen zijn zelfs bijna net zo actief als wanneer je wakker bent. Verder schieten je ogen om een nog onverklaarbare reden alle kanten op achter je oogleden.

Periodes met dromen – iedere nacht beleef je er 4 of 5 – worden daarom REM-slaap genoemd, waarbij REM staat voor Rapid Eye Movement. 

Die snelle oogbewegingen vormden uiteindelijk de oplossing voor Laberge’s experiment. Voordat hij in slaap viel, sprak hij af om twee keer heel duidelijk naar links en naar rechts te kijken op het moment dat hij een lucide droom beleefde 

Met een polygraaf konden die oogbewegingen van LaBerge tijdens zijn slaap worden geregistreerd. Zo lukt het hem uiteindelijk om vanuit een droom te communiceren met andere onderzoek. Hij bewees daarmee dat lucide dromen echt mogelijk is.

Hoe moet je lucide dromen?

Hoe kun je lucide dromen zelf opwekken? Daar zijn verschillende methodes en apparaten voor. Maar garanties op succes krijg je nooit. Het is namelijk enorm lastig om je ervan bewust te worden dat je droom.

1 – DE Realiteitscheck.

De bekendste methode om lucide dromen op te wekken is de zogenoemde realiteitscheck. Je heb er geen spullen voor nodig, alleen veel tijd en training.

Bij deze methode leer je jezelf aan om gedurende dag steeds te checken of je droomt of niet. Dus om het uur, vraag je aan jezelf: ‘droom ik?’. Dat klinkt onzinnig. Maar als je de realiteitscheck consequent uitvoert, zal de vraag vroeg of laat ook opduiken in je dromen. En dan is de kans groot dat je lucide gaat dromen.

2 – Slaapmasker

Je kunt ook een technologisch hulpmiddel gebruiken: een slaapmasker met een chip. Dit masker detecteert wanneer je ogen tijdens de REM-slaap snel heen en weer bewegen. Dan gaan er lichtjes knipperen en hoor je rustgevende geluiden. Die signalen zou je moeten herkennen in je slaap, zodat je je bewust wordt van je dromen.

Maar de lampjes en geluiden kunnen natuurlijk ook een ongewenst effect hebben. De meest gehoorde klacht van mensen die voor het eerst een lucide droom beleven, is dat ze door de opwinding meteen weer wakker worden…

3 – Zet een wekker

Een wekker kan je gek genoeg ook helpen om lucide dromen op te roepen. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat je met de zogenaamde wakker-worden-en-terug-naar-bed-techniek een slagingskans van 60 procent hebt.  

De techniek gaat als volgt in zijn werk. Je gaat ’s avonds naar bed als je doodmoe bent en stelt je wekker zo in dat het alarm alweer afgaat na vijf uur slapen. Op dat moment sta je op en denk je een uur lang alleen maar aan het bereiken van lucide dromen. Pas daarna ga je weer in bed liggen en sta je jezelf toe om in slaap te vallen. Meer dan de helft van alle proefpersonen tijdens het Stanford-experiment beleefde hierna een lucide droom.    

4 – Dromendagboek   

Het bijhouden van een dromendagboek is de meest eenvoudige manier om de kans op lucide dromen te vergroten. Door elke ochtend je dromen te noteren, blijven ze beter in je geheugen. Daardoor zou je terugkerende dromen sneller herkennen en meer kans hebben op een ‘lucide’ ervaring.

Stephen LaBerge legt het alsvolgt uit. “Als je je overdag nooit bewust bent van dromen, dan ben je dat tijdens je slaap ook niet. Het heeft ook te maken met de manier waarop je in bed ligt. Word je wakker en denk je: wat heb ik gedroomd? Of ontwaak je en denk je meteen: het is tijd om er uit te gaan!’

Is lucide dromen gevaarlijk

Maar leveren lucide dromen behalve wat extra amusementswaarde ook echt voordelen op? Daarover lopen de meningen uiteen.

Professor Jim Horn waarschuwt op de site van het Engelse Sleep Research Institute in Loughborough zelfs dat het tegen de natuur ingaat om je dromen te veel te sturen. ‘Het is beter om gewoon te dromen en alles weer te vergeten’, zegt hij. ‘Je dromen zijn van nature een wirwar van de dagelijkse dingen die je meemaakt en dat is waarschijnlijk niet voor niets zo.’  

Maar er zijn vooral veel positieve geluiden, van internetters die spectaculaire droomervaringen uitwisselen. Maar ook van psychologen die in lucide dromen een geschikt hulpmiddel zien om je nachtmerries te verdrijven. En sommige sporters zeggen zelfs hun prestaties te kunnen verbeteren met zelf ontworpen droomervaringen. 

De Franse alpineskiër Jean-Claude Killy (winnaar van drie gouden medailles op de Winterspelen van 1968) beweerde dat hij het parcours van een wedstrijd tijdens een training maar één keer goed in zijn hoofd prentte. Daarna verkende hij de route eindeloos in zijn dromen.

Ook de succesvolle Franse ruiter Sadko Solinski gebruikte die techniek om prijzen te winnen. ‘In een lucide droom kan ik mijn oefeningen heel precies repeteren – het maakt niet uit of het een dressuuroefening is in het zand, of een military wedstrijd in een cross country omgeving’, zo schreef hij in een brief aan de Duitse onderzoekspsycholoog Paul Tholey. ‘Ik doe het vaak in slow-motion, zodat ik mijn paard bij elke beweging op precies de juiste manier kan sturen. Meestal rijd ik een parcours acht of negen keer, totdat mijn lichaam alle bewegingen zo goed kent dat ik ze bijna gedachteloos kan uitvoeren in de realiteit.’   

Lees ook:
– Hoe lang kan een mens zonder slaap?
– Dit zijn de 4 slaapfasen

Meting: de maanvis is de grootste vis ter wereld

M

De maanvis is de grootste en zwaarste vis met een skelet. Een nieuwe meting maakt dat nog eens duidelijk.  

Voor de kust van de eilandengroep de Azoren is namelijk een maanvis gevonden met een gewicht van 2.744 kilo en een lengte van 3,6 meter. Dat hebben Portugese onderzoekers vastgesteld in een nieuwe studie.

Maanvissen ontlenen hun naam aan hun ronde lichaam, waarin je met een beetje fantasie de vorm van een maan kunt zien. Maar behalve hun bijzonder grote lichaam hebben deze dieren nog meer bijzondere eigenschappen.

Hieronder lees je 7 weetjes en een mythe over de maanvis. De foto boven dit Paul Hermans.

(Lees ook: vinden dolfijnen het leuk om met mensen te zwemmen?)

De maanvis: 7 feiten en een mythe

De Latijnse naam van de maanvis is Mola mola, wat molensteen betekent. Ook dat is een verwijzing naar de ronde vorm van het dier. In het Nederlands worden maanvissen soms ook klompvissen genoemd.

Maar in het Engels staan de dieren gek genoeg weer bekend als ‘sunfish’. En dat is niet zomaar.

Maanvissen hebben namelijk de gewoonte om elke dag urenlang aan het wateroppervlak van de oceanen te dobberen. Op die manier warmen ze zichzelf aan de zon. 

Recordaantal eitjes

Vrouwelijke maanvissen planten zich op een bijzondere manier voort. Ze leggen meer eitjes dan elke andere gewervelde diersoort. Bij de paring laten de vrouwtjes soms meer dan 300 miljoen eitjes achter op planten.  

Het mannetjes zwemt vervolgens over deze eitjes heen voor de bevruchting. 

Diepzeeduikers

Maanvissen zwemmen zeker niet alleen aan het oppervlak van de oceanen. Ze maken soms uitstapjes naar de krochten van de oceanen. Zo hebben wetenschappers de dieren aangetroffen op dieptes van rond de 800 meter

In onderstaand filmpje zie je een maanvis op grote diepte vanuit een onderzeeër. 

Krachtige zwemmers

Lang dachten wetenschappers dan dat maanvissen niet hard konden zwemmen. Maar die mythe is inmiddels ontkracht. Uit een studie waarbij maanvissen werden uitgerust met GPS-trackers blijkt dat ze tegen de krachtigste stromingen in de oceanen in kunnen zwemmen. 
Wat eten maanvissen? 

Wat eten maanvissen?

Maanvissen voeden zich voornamelijk met plankton, kwallen en kleine vissen. Soms zwemmen ze enkele kilometers per dag op zoek naar prooien. De dieren zijn erg kieskeurig. Ze eten bijvoorbeeld vooral de geslachtsklieren van plankton. 

Maanvissen als betaalmiddel

De grote ronde vissen werden in de 17e en 18e eeuw gebruikt als betaalmiddel. Als vissers in Japan belasting moesten afdragen aan lokale shoguns, betaalden ze vaak met maanvissen.   

Hoe groot kan een maanvis worden? 

Een maanvis kan uiteindelijk vier meter lang worden bijna 3000 kilo zwaar. Maar als de dieren worden geboren zijn ze nog geen centimeter lang. Dat kun je hieronder zien. 

Lees ook:
– Wat eten dolfijnen – hun dieet heeft een wrede kant
– Waarom de naakte molrat ons kan helpen langer te leven
– Waar komt de banaan eigenlijk vandaan?

Nieuwe studie: Waar komt de banaan vandaan?

N

Lang niet alle bananen zijn krom en geel. Zo bestaan er ook rode bananen. 

En uit een nieuwe studie blijkt nu dat er in de oerwouden van Borneo en Nieuw-Guinea waarschijnlijk nog onontdekte voorouders van de banaan groeien met een heel ander uiterlijk. 

In dit artikel lees je een korte geschiedenis van de banaan. 

De herkomst van de banaan

Bananen werden ongeveer 7.000 jaar geleden voor het eerst gekweekt door mensen op Nieuw-Guinea. Tot die tijd groeiden de vruchten alleen in het wild. Die wilde bananen zat vol met zaden en waren daardoor bijna oneetbaar. 

Maar de papoea’s slaagden er door kruisbestuiving in om eetbare bananen te kweken, zonder zaden. Deze banen waren meestal groen of rood en hadden allerlei vormen. 

Wetenschappers van de onderzoeksgroep Alliance Biodiversity International hebben nu een genetische analyse uitgevoerd om precies te achterhalen uit welke vruchten moderne bananen zijn ontstaan. 

Ze bestudeerden met behulp van de computer het DNA van 68 wilde bananensoorten en 154 gecultiveerde soorten, zo meldt nieuwssite Science. Uit hun onderzoek blijkt dat er waarschijnlijk nog drie onbekende bananensoorten bestaan, die kunnen worden beschouwd als de voorouders van kromme, gele bananen. 

eEn onbekende voorouder

Eén van deze soorten groeit in Nieuw-Guinea. Maar ook op de Filippijnen en op Borneo zijn waarschijnlijk voorlopers van de moderne banaan te vinden, zo blijkt uit het genetisch onderzoek. Dat zou betekenen dat de banaan op meerdere plaatsen is gecultiveerd. 

De nog onbekende voorouders van de banaan zijn nog niet ontdekt. Maar de wetenschappers denken dat de vruchten nog steeds bestaan, en ergens in de ondoordringbare oerwouden van Borneo en de Filippijnen groeien.

Volgens de onderzoekers bewijst de ontdekking dat we nog maar weinig weten over de herkomst van bananen. “Mijn vrienden en familie verbazen zich er altijd over dat ik nog steeds bezig hou met bananen”, aldus onderzoeksleider Matthieu Roard in de New York Times. “Maar er is nog zoveel te ontdekken. 

In onderstaande video zie je een korte geschiedenis van de banaan:

Van rode banaan tot gele banaan

Bananen werden pas in de loop van de negentiende eeuw voor het eerst naar de rest van de wereld geëxporteerd. In Amerika werden de eerste bananen bijvoorbeeld verhandeld op de markt van Toronto.

Dat waren rode bananen. Deze soort bestaat nog steeds. De vruchten zijn iets kleiner dan gele bananen. Verder is het vruchtvlees van rode bananen crèmekleurig tot roze. De smaak is wat zoeter. Ze worden vaak gebruikt bij de bereiding van toetjes.  

De moderne banaan ontstond waarschijnlijk door een mutatie op een plantage in Jamaica. De eerste gele bananen zouden in 1836 zijn ontdekt door plantage-houder Jean Poujot op zijn eigen grond. 

Toen hij uit nieuwsgierigheid proefde van de gemuteerde vruchten, was hij meteen verkocht. De smaak was zo goed dat hij besloot om de gele bananen te gaan cultiveren. Vandaag de dag eten we nakomelingen van deze vruchten nog steeds.

Lees ook:
– Wat zijn de meest zeldzame planten van Nederland?
– Waarom de naakte molrat ons kan helpen onsterfelijk te worden

Bewijs: je goudvis heeft een beter geheugen dan je denkt

B
goudvis-geheugen

Het geheugen van een goudvis zou maar 3 seconden teruggaan. Maar dat is een mythe. 

De dieren kunnen juist verrassend veel onthouden, bijvoorbeeld hoe ver ze hebben gezwommen. Dat blijkt uit nieuw onderzoek aan de Universiteit van Oxford

Verder blijken vissen zich zelfs dingen te kunnen herinneren die een week eerder hebben geleerd. 

Het geheugen van goudvissen 

De Britse wetenschappers leerden goudvissen om een specifieke afstand te zwemmen. Dat kregen ze voor elkaar door de dieren in een aquarium los te laten en te voeren nadat ze 70 centimeter hadden gezwommen, zo meldt BBC News.

In het begin van het experiment maakten de onderzoekers een zwaaiende beweging boven het aquarium zodra de vissen deze afstand hadden bereikt. De dieren leerden al snel om na die zwaai te te stoppen en naar voedsel te happen. 

Maar uiteindelijk plaatsen de wetenschappers streepjes om de 10 centimeter op de bodem van het aquarium, zodat de vissen konden zien hoe ver ze hadden gezwommen. Ook nu werden ze steeds gevoerd nadat ze 70 centimeter hadden afgelegd. 

Maar de wetenschappers zwaaiden niet meer boven het aquarium om dat duidelijk te maken. 

Na een tijdje merkten de wetenschappers dat de goudvissen die in het aquarium werden losgelaten uit zichzelf stopten met zwemmen na ongeveer 70 centimeter. Kortom: ze hadden onthouden dat ze na die afstand voer kregen. 

Een experiment voor thuis

Het is niet de eerste studie die de beroemde mythe over het geheugen van goudvissen ontzenuwt. Een 15-jarige scholier uit Australië voerde in 2008 al een simpel experiment uit waaruit blijkt dat goudvissen zeker niet vergeetachtig zijn.

In de video hieronder leg ik uit wat hij deed. Maar je kunt het ook gewoon lezen, onder de player.

Rory Stokes uit Adelaide dompelde steeds een rood legoblokje in de kom van zijn goudvissen, vlak voordat hij begon met voeren. In het begin schrokken de vissen. Maar na een tijdje zwommen ze met opengesperde bek naar boven zodra ze het legoblok zagen. 

Ze zagen het als een teken dat ze gevoerd zouden worden. Rory was benieuwd hoe lang zijn goudvissen de herinnering aan het legoblok zouden houden. Hij voerde ze een week op de normale manier, dus zonder lego. 

Van 3 seconden naar een week

Maar toen hij het rode blokje na een week weer tevoorschijn haalde, waren de goudvissen het teken nog niet vergeten. Ze kwamen meteen weer naar boven en hapten naar voedsel, nog voordat het vissenvoer in het water lag. 

Kortom: het geheugen van een goudvis gaat verder dan 3 seconden en duurt minimaal een week. En waarschijnlijk zelfs nog veel langer. Misschien kan Rory de test bij zijn goudvissen nog eens uitvoeren, want de dieren kunnen tot 20 jaar oud worden.

Lees ook:
De naakte molrat: waarom dit lelijke dier ons mogelijk kan helpen om langer te leven
Wat zegt een hond precies met een kwispelende staart?

Dit is het best medicijn tegen kietelen

D

Jezelf kietelen is bijna onmogelijk. Dat komt waarschijnlijk omdat je hersenen je voorbereiden op kietelende bewegingen van je handen en je lichaam vertellen niet te reageren. 

Sterker nog: als je gekieteld wordt door iemand anders, kun je het effect onderdrukken door ook jezelf te kietelen. 

Tot die conclusies komen wetenschappers van de Humboldt Universiteit in een nieuwe studie naar kietelen bij mensen. 

De beste plekken om te kietelen

Tijdens hun experiment lieten de wetenschappers proefpersonen met blote armen en voeten plaatsnemen op een stoel. Eerst praatten de proefpersonen even kort met elkaar. Uit eerder onderzoek is namelijk gebleken dat kietelen meer effect heeft als je je op je gemak voelt bij iemand. 

Uiteindelijk werd met GoPro filmcamera’s in beeld gebracht hoe de proefpersonen reageerden terwijl achtereenvolgens hun voeten en armen werden gekieteld. 

De gezichtsuitdrukking van de gekietelde deelnemers veranderde al na 300 milliseconden na de eerste aanraking in een grijns of grimas. Na 500 milliseconden begonnen ze hardop te lachen.  

De proefpersonen lachten het hardst als hun voeten werden gekieteld. Volgens de wetenschappers is dit dan ook het lichaamsdeel waar mensen het meest gevoelig zijn voor gekietel. Uit een eerder onderzoek uit 1987 bleek dat ook al. Na de voeten zijn de oksels, nek en kin het meest kietelbaar. 

Het medicijn tegen kietelen

Maar de wetenschappers deden de meest opvallende ontdekking toen ze de proefpersonen vroegen om – terwijl ze gekieteld werden – ook zichzelf te kietelen. Op dat moment nam het effect sterk af. De deelnemers lachten minder hard en zeiden ook minder te voelen van de kietelende bewegingen. 

Daarmee is voor het eerst wetenschappelijk aangetoond dat je de ‘kieteldood’ kunt voorkomen door ook jezelf te kietelen. 

“We denken dat je brein op dat moment een trucje uithaalt door je lichaam te vertellen: zodra je jezelf aanraakt, stop dan met reageren”, verklaart hoofdonderzoeker Michael Brecht op nieuwssite Wired.

Waarschijnlijk is deze reactie ‘ingebouwd’ in ons brein, zodat we onszelf niet per ongeluk kietelen als we bijvoorbeeld onder onze oksel krabben, of een sok aantrekken. 

Het nut van kietelen

Het onderzoek naar kietelen staat nog in de kinderschoenen. Tot nu toe is er alleen hersenonderzoek naar het fenomeen uitgevoerd bij ratten. In het filmpje hieronder zie je wat er in het brein van een ratten gebeurt als ze op hun buik worden gekieteld. 

Wetenschappers vermoeden dat kietelen een sociale functie heeft onder zoogdieren, net als bijvoorbeeld oogcontact. Door elkaar aan het lachen te maken zouden individuen gemakkelijk een vriendschapsband kunnen aangaan en sociale spanning kunnen voorkomen. 

Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat ratten die sterk reageren op gekietel ook een meer speels karakter hebben. Het is nog onduidelijk of dat bij mensen ook zo is.  

Lees ook:
– Hoeveel botten heeft een mens eigenlijk?
– Hoeveel bloed heeft een mens?
7 feiten en een bizarre mythe over niezen

Zo plan je de ideale dagindeling in je vrije tijd

Z

Als je een dagje vrij hebt, of vakantie, kun je je dagindeling helemaal zelf bepalen. Maar hoe plan je zo’n dag op een slimme manier. 

De verleiding is groot om een vrije dag van tevoren al vol te plannen met leuke activiteiten: ‘s ochtends koffie drinken met een goede vriend of vriendin, ‘s middag sporten, ‘s avonds een etentje, naar de bioscoop, of juist luieren op de bank.

Maar pas op: schrijf je plannen niet te gedetailleerd op.  

Hoe minutieuzer je ontspannende uitjes plant, hoe minder je er namelijk van van geniet. Dat heeft de Amerikaanse psychologe Selin Malkoc van de Universiteit van Ohio aangetoond met een grote studie. 

De beste dagindeling in je vakantie

Malkoc kwam op het idee voor het onderzoek toen ze twee jaar geleden in haar geboorteland Turkije was en in korte tijd zo veel mogelijk vrienden bezocht. Haar dagindeling 

 “Ik had een strak schema gemaakt om iedereen te kunnen zien”, vertelt ze via Skype. Maar al snel gingen haar bezoekjes aan vrienden als verplichtingen voelen.

“Ik zei op een bepaald moment tegen mijn man: ik moet nog met mijn beste vriendin lunchen. Daar schrok ik zelf van, want zo’n afspraak is geen kwestie van moeten.”

Malkoc besloot uit te zoeken of meer mensen last hebben van een verplichtingsgevoel bij geplande uitjes. Ze organiseerde 13 experimenten waarbij proefpersonen een strak of losser geplande activiteit moesten beoordelen met een cijfer.

Deelnemers mochten bijvoorbeeld samen met een vriend gratis een kop koffie drinken op een specifiek tijdstip, of in een tijdspanne van twee uur, bijvoorbeeld tussen 12 en 2.  

Waarom losjes plannen leuker is

Bij een ander experiment kregen studenten een grappige video te zien op YouTube. Sommige proefpersonen mochten het filmpje meteen bekijken, anderen moesten een datum en tijdstip prikken.

Wat bleek? Mensen gaven gemiddeld hogere cijfers aan de activiteiten als ze losjes waren gepland. Vooral de begintijd had veel invloed. Als er geen stipt begintijdstip was, vermaakten proefpersonen zich beter tijdens het kopje koffie en het filmpje. ‘Je hebt dan niet het gevoel dat je je moet haasten om op tijd te komen’, aldus Malkoc.

Ze vermoedt dat we minder lol beleven aan op de minuut geplande ontspanning, omdat het ons herinnert aan de kantoorcultuur. “Op kantoor moeten we al volgens onze agenda leven, als je dat in je vakantie ook doet, krijg je het gevoel dat je aan het werk bent.”

Volgens Malkoc kun je met enkele simpele maatregelen voorkomen dat je geplande activiteiten in ‘moetjes’ veranderen. Ze geeft drie tips. 

Zo plan je je dagindeling met meer plezier

  • Plan je ontspanning voortaan op basis van dagdelen, zoals de ochtend of de middag.’
  • Gebruik een papieren agenda. Een elektronische agenda dwingt je vaak om toch een precies tijdstip te plannen.’
  • Houd ruimte vrij in je agenda om spontaan iets af te spreken, of om spontaan even helemaal niets te doen.’ 

Bronvermelding:
The Calendar Mindset: scheduling takes the fun out and puts the work in – Journal of Marketing Research – december 2016, Selin Malkoc 

Lees ook:
– Dit namenspel stimuleert je geheugen op 3 manieren
– Onthouden: zo werkt je kortetermijngeheugen
– Episodisch geheugen: dit is waarom je kunt tijdreizen in je brein

Hoe overleef je op de koudste plek op aarde?

H
koudste-plek-Antarctica

Hoe is het om te wonen op de koudste plek op aarde, oftewel de Zuidpool? Wat trek je aan als je ‘s avonds gaat slapen. Wat eet je? En hoe bescherm je jezelf tegen sneeuw en ijs? 

De wetenschappers die werken op het Zuidpoolstation Amundsen-Scott hebben elke dag te maken met deze vragen. De gemiddelde temperatuur op Antarctica is -49 graden Celsius.  Hun leefomgeving is dan ook uitgerust met de modernste voorzieningen en technieken om de strijd te winnen tegen  sneeuw, wind en extreme kou. 

(De koudste plek op Antarctica is trouwens het eiland Vostok, daar is gemiddeld -55 graden)

In dit artikel zet ik de belangrijkste voorzieningen op een rij die je nodig hebt om te overleven in deze kou. 

Leven op De koudste plek op aarde

Het Zuidpoolstation Amundsen-Scott is relatief nieuw. Het is gebouwd in 2003. Maar het is niet het eerste onderzoeksstation op de Zuidpool. 

Vlak naast het het gebouw stond tot 2009 het oude koepelvormige onderzoeksstation dat van 1975 tot 2003 in gebruik was. De ‘Zuidpool Dome’ had geen ramen en raakte in de loop der jaren voor een groot gedeelte bedekt onder de sneeuw. Het gebouw was alleen nog toegankelijk via een tunnel in de sneeuw.  Inmiddels is het complex afgebroken. 

Het nieuwe Zuidpoolstation is een stuk moderner. Hieronder lees je over de belangrijkste voorzieningen. 

IJsfundering
De koudste plek op aarde vraagt om een speciale bouwmethode. Het onderzoeksstation is gebouwd op een 5 meter hoge fundering van samengeperst ijs. De pilaren steunen op balken in het ijs, die het gewicht van het gebouw verdelen over het oppervlak.

Aerodynamisch ontwerp
Door het aerodynamische ontwerp van de onderkant van het station wordt de poolwind onder het gebouw door geleid. Op die manier wordt sneeuw en ijs daar weggeblazen, zodat het gebouw niet zomaar ingesneeuwd raakt. 

Uitschuifbare pilaren
Het onderzoeksstation is gebouwd op 36 hydraulische pilaren, die moeten voorkomen dat het gebouwd wordt bedolven onder de sneeuw.  De pilaren zijn nu 3,5 meter lang, maar kunnen het station opkrikken tot 7 meter hoogte als het sneeuwniveau op de Zuidpool stijgt, zoals wordt voorspeld. 

Speciale kleding
Als je op de koudste plek ter wereld woont, heb je veel kleding nodig. Er is een aparte opslagruimte voor de kleren van de bemanning .De onderzoekers dragen zeven lagen om zich te beschermen tegen de kou.

Lees ook: wat is eigenlijk de normale lichaamstemperatuur van een mens?

Groentekas 
Het onderzoeksstation beschikt over een kas waarin verse groente wordt gekweekt zoals tomaat en komkommer. De energie wordt opgewekt met een generator waar kerosine in gaat, maar er zijn plannen om windenergie te gaan gebruiken. In het filmpje hieronder krijg je een rondleiding:

Vliegvervoer
Elk onderdeel van het onderzoeksstation is tijdens de bouw per vliegtuig naar de Zuidpool vervoerd. Als er een vliegtuig op bezoek is bij het onderzoeksstation, blijft de motor trouwens altijd draaien, ook na de landing. Starten in de extreme kou is  bijna onmogelijk.   

Keuken
De keuken is één van de belangrijkste plekken in het onderzoeksstation. Een mens op de Zuidpool moet 5000 calorieën per dag eten om te compenseren voor de energie die zijn lichaam verliest in de kou. En dan nog valt de gemiddelde onderzoeker  4 tot 6 kilo af tijdens een verblijf van een jaar. 

Medische ruimte
Het gebouw beschikt over een geavanceerde medische ruimte, waarin soms zelfs operaties worden uitgevoerd. In de winter is het voor de onderzoekers onmogelijk om naar de bewoonde wereld te vliegen en zich daar te laten behandelen. Het is dan de hele dag donker, zodat opstijgen met een vliegtuig onmogelijk is.

Anti-verschuiving-technologie
Op precies 12.1 meter onder het onderzoeksstation  is een elektronisch apparaat verankerd, dat meerdere malen per dag de geolocatie van het gebouw berekent. Zo kan in de gaten worden  gehouden of het station verzakt, verschuift of juist omhoog wordt getild door de sneeuw.

Slapen in een kleine ruimte
In het station kunnen maximaal 150 onderzoekers verblijven. In de zomer is de bezetting hoger dan in de winter. De wintervertrekken zijn met 2,7 bij 2,4 meter iets groter dan de zomervertrekken (2.7 bij 2.1 meter) omdat onderzoekers in de winter minder vaak naar buiten kunnen. 

Dit is het bekendste treinongeluk ooit – door deze foto

D

Dit is waarschijnlijk de beroemdste foto die ooit is gemaakt van een treinongeluk. Op 22 oktober 1895 boorde een trein zich door de glazen wand van het het station Gare Montparnasse bij Parijs.

De locomotief kwam met de voorwielen op het 10 meter lager gelegen Place de Rennes terecht. 

Treinongeluk met één slachtoffer

De machinist zou later verklaren dat hij op volle snelheid het station binnenreed omdat hij een vertraging wilde goedmaken. Hij kreeg uiteindelijk een gevangenisstraf en een boete van 50 franc.

Bij het ongeluk kwamen verbazingwekkend genoeg geen passagiers om het leven. Er viel wel één dode te betreuren. Een vrouw die precies onder het station op het Place de Rennes liep op het moment dat de trein ontspoorde, overleed ter plekke.

Het ongeluk op Gare Montparnasse wordt nagespeeld in de 3D-film Hugo, die vijf Oscars won.

veertien paarden

Overigens is deze foto pas een tijdje na het ongeluk gemaakt. De locomotief bleef namelijk werd namelijk niet meteen afgevoerd. Een poging om het gevaarte met 14 paarden weg te trekken, mislukte. Pas na 48 uur slaagden 10 man erin om de locomotief met een lier van 250 ton uit het station te takelen.

Het dodelijkste treinongeluk ooit

Op 26 december 2004 bestormden duizenden mensen een stilstaande trein in Sri Lanka om te schuilen voor de tsunami. De vloedgolf tilde de trein op en smeet het voertuig tegen een heuvel. Meer dan 1700 passagiers overleden. Het staat nu in de boeken als het dodelijkste treinongeluk ooit.

Boze tongen beweren dat Noord-Korea in 2004 werd opgeschrikt door een nog veel grotere spoorwegramp. In het station van Ryongchon (Noord Korea) zouden twee vrachttreinen tegen elkaar zijn gebotst, waarna de lading, bestaande uit benzine en vloeibaar aardgas, tot ontploffing kwamen. Zuid-Koreaanse media maakten melding van 3000 doden. Maar dat aantal is nooit bevestigd door de Noord-Koreaanse overheid. 

Het op één na grootste treinongeluk gebeurde in de Indiase deelstaat Bihar. Op 6 juni 1981 ontspoorde een passagierstrein met tussen de steden Mansi en Sahar. Alle wagons kwamen in de rivier Bagmati terecht, er vielen meer dan 800 doden.  

Lees ook:
– De eerste spoorlijn: zo begon het Nederlandse treinverkeer

Weetjes van een wetenschapsjournalist

Even voorstellen: Dennis Rijnvis

Als ik een stripheld zou zijn, zou ik er waarschijnlijk uitzien als op deze tekening. Mijn naam is Dennis Rijnvis. Ik ben schrijver, blogger en schreef als wetenschapsjournalist voor Quest en De Volkskrant. Op deze website deel ik inzichten over wetenschap, geschiedenis en zelfontwikkeling.

Op mijn andere blog Schrijfvis, geef ik schrijftips en advies voor storytelling.

Recente berichten

Recente reacties

Archieven

Categorieën

Meta